Komt hierover nog iets op uw weblog?

Zaterdag was ik, samen met alle andere collegeleden, te gast op een plechtige bijeenkomst van onze Huizer brandweer.

Na een enthousiaste toespraak van burgemeester van Gils, gevolgd door een minstens zo mooie toespraak van brandweercommandant Weijermans, werden alle in 2006 behaalde diploma’s en certificaten uitgereikt en werden drie vertrekkende leden van de jeugdbrandweer bedankt. Daarna werden vijf jubilarissen in het zonnetje gezet, met voor ieder een eigen kenmerkend verhaal. Tenslotte werd afscheid genomen van vier brandweermensen die het korps in 2006 hebben verlaten. Twee brandweermensen werden nieuw aangesteld. Acht brandweermensen werden bevorderd. In totaal werden 31 diploma’s en certificaten uitgereikt.

Ik moest iets eerder vertrekken, vanwege een CDA bijeenkomst die bij mij thuis zou worden gehouden. Ik probeerde heel stiekum weg te sluipen, maar dat lukte niet. Bij de uitgang werd ik aangesproken door een medewerker van de brandweer. “Komt hierover nog iets op uw weblog?” fluisterde hij mij toe.

Kijk, daar krijg ik nou de inspiratie van om door te gaan met mijn weblog. En brandweermensen: natuurlijk schrijf ik graag nog een keer over mijn bewondering voor jullie prestaties op mijn weblog. Al die certificaten en versierselen die zijn uitgereikt, staan voor vele uren vrijwillige inzet. Het is fantastisch wat jullie helemaal belangeloos voor de gemeenschap doen! En ook voor jullie partners, die zo vaak (ook ’s avonds en ’s nachts) bezorgd wachten op jullie thuiskomst, zijn de bloemen die werden uitgereikt zeer verdiend.

Trots op het zorgloket

In de eerste twee weken van januari hebben maar liefst 300 mensen contact opgenomen met het zorgloket. Soms met eenvoudige vragen, soms met meer complexe vragen.

Soms komen er vragen waar je van achter een bureau niet gemakkelijk een antwoord op kunt geven. Dat was in de afgelopen week ook het geval. Een echtpaar waarvan de vrouw ernstig ziek is had vragen over een voorziening die de gemeente had verstrekt, waarvan we niet goed duidelijk konden krijgen wat nu precies het probleem was. “Laten we er maar eens gaan kijken” stelde ik de co√∂rdinator van het zorgloket voor. En binnen enkele dagen was de afspraak gemaakt. Dat was ook goed, zo bleek tijdens het bezoek. We konden met eigen ogen zien hoe de situatie was en vanuit het zorgloket kon daardoor ook gericht actie worden ondernomen in de richting van de leverancier van de voorziening.

Ik zat samen met de co√∂rdinator van het zorgloket nog wat met het echtpaar na te praten over hun situatie en over de contacten die zij met de gemeente en de diverse zorginstellingen hebben gehad. Er was nogal wat aan te merken op de diverse instanties, maar, zo merkte het echtpaar op: “Het zorgloket is prima! Daar zijn we goed geholpen, door mensen die kennis van zaken hebben en die ook begrip hebben voor onze problemen”.

Het is niet voor het eerst dat ik positieve reacties hoor over het zorgloket. Maar het vervult me toch steeds weer met trots dat ik deze signalen krijg van mensen die met het zorgloket in aanraking komen. In twee weken 300 mensen te woord moeten staan en dan toch maar mooi deze goede PR! Medewerkers van het zorgloket: complimenten!

Nieuwjaarsrecepties

De eerste weken van januari stonden voor mij in het teken van de nieuwjaarsrecepties. Niet zo handig voor de lijn, want de meeste recepties waren aan het eind van de dag, als de lekkere trek toeslaat. En dan zijn de gevulde eitjes en de bitterballen wel erg verleidelijk.

Ik ben naar alle nieuwjaarsrecepties gegaan waarvoor ik een uitnodiging heb ontvangen. Dat varieerde van nieuwjaarsrecepties van Huizen zelf, van buurgemeenten als Naarden en Blaricum, Gewest, GGD en Provincie, tot bijvoorbeeld SV Huizen en de Kamer van Koophandel.

Ook door het CDA werden veel nieuwjaarsrecepties georganiseerd. Het CDA Huizen, met natuurlijk de speech van onze voorzitter Wim Zwanenburg en de fantastische presentatie van de CDA vrouwen, het CDA Noord Holland, met een inspirerend verhaal van zowel oud minister Donner als van onze provinciale lijsttrekker Jaap Bond voor wie op “007” maart de verkiezingsuitslag van de provinciale staten natuurlijk heel spannend gaat worden. En dan natuurlijk de nieuwjaarsbijeenkomst van het landelijke CDA van afgelopen zaterdag.

jpb_en_jorn.jpgMijn 10 jarige zoon Jorn wilde graag mee. “Kan je daar heus Balkenende in het echt zien?” vroeg hij mij. Nou, dat wilde hij niet missen. Hij werd op zijn wenken bediend en mocht zelfs met Jan Peter Balkenende op de foto. Als klap op de vuurpijl zag hij zichzelf ook nog eens ’s avonds op het NOS journaal. Wauw! Ik denk dat een nieuwe bevlogen CDA jongere in aantocht is (hoewel hij daarvoor toch echt nog 8 jaar moet wachten).

De recepties zijn nuttig voor het leggen van contacten. Je laat niet alleen je gezicht zien, maar je kunt mensen in een ontspannen sfeer aanspreken op zaken die voor Huizen van belang zijn.

Meestal worden speeches gehouden. Terugblikken op 2006 en vooruitblikken op 2007. Zonder anderen tekort te doen vond ik persoonlijk de speech van partijvoorzitter Marja van Bijsterveld op de landelijke CDA receptie in Arnhem erg inspirerend. Zij sprak over “bezielde verantwoordelijkheid”, over idealisme, gecombineerd met pragmatiek. “Wij zijn geen partij van onvrede, maar van hoop en verwachting. Niet van instituties, maar van mensen. Niet van vergaderen, maar van actief zijn in de samenleving”. Idealisme en pragmatiek, dat spreekt mij aan. Daarmee wil ik ook als wethouder in Huizen het jaar 2007 in gaan.

jpb_en_jorn.jpgjpb_speech_jorn_kijkt_toe.jpgmvb_lacht.jpg

Crisisopvang dementerenden

De Wet Maatschappelijke Ondersteuning is per 1 januari jl. in werking getreden. Het jaar is nog maar net begonnen, maar een eerste knelpunt heeft zich al aangekondigd. Er zijn te weinig crisisopvangplaatsen in onze regio voor mensen met (zoals dat heet) een psycho-geriatrische aandoening. Dementie, in de volksmond.

Het probleem werd bij ons zichtbaar door een individuele situatie. De partner van een dementerende man moet acuut in het ziekenhuis worden opgenomen. Het echtpaar woont thuis en er ontstaat dus een probleem rond de zorg voor de dementerende man. Er blijkt in eerste instantie in onze regio geen plaats voor hem te zijn. Alleen in Amsterdam is een plekje voor crisisopvang. Uiteindelijk wordt het probleem in Huizen opgelost, maar dat hing samen met een toevallige omstandigheid en duurde al met al ook erg lang.

Uit navraag bij de Alzheimer stichting Gooi en Vechtstreek blijkt dat dit geen incident is. Er zijn volgens deze stichting niet alleen wachtlijsten voor verpleeghuiszorg en verzorgingshuizen, maar er zijn ook te weinig mogelijkheden voor crisisopvang van dementerenden in onze regio.

Mede dankzij de inzet van de Alzheimer stichting lukte het om op heel korte termijn alle betrokkenen om tafel te krijgen. Vandaag al was ik dus in gesprek over dit probleem met enkele directeuren van verpleeghuizen in onze regio, de organisatie SSIG, het zorgkantoor (= de zorgverzekeraar), Zorgbelang (= de belangenbehartigers voor patienten) en natuurlijk de Alzheimerstichting zelf.

Tijdens dit gesprek werd duidelijk dat het probleem door alle betrokkenen wordt erkend, maar dat een structurele oplossing ervoor op de korte termijn niet haalbaar is. Immers, de vraag naar zorg voor deze groep mensen neemt alleen maar toe, terwijl het aantal beschikbare plaatsen in verpleeg- en verzorginshuizen niet verder mag groeien. Dat betekent dat mensen met dementie langer thuis verzorgd worden dan vroeger. Juist in die omstandigheden is de vraag naar creatieve oplossingen, om de mantelzorger (tijdelijk) te ontlasten, groot. De zogenaamde “crisisbedden” in verpleeghuizen (waarvan er overigens feitelijk ook al te weinig zijn) blijken bovendien voor deze situaties niet te zijn bedoeld.

Om het probleem in al zijn facetten goed in kaart te brengen ontbreekt het momenteel aan voldoende inzicht in alle benodigde cijfers en achterliggende gegevens. Er zal dan ook in de komende periode door alle aanwezigen hard worden gewerkt om die gegevens overzichtelijk boven tafel te krijgen, zodat over twee maanden verder gesproken kan worden over een gedegen regionale aanpak van deze problematiek.

Dat neemt niet weg dat ik van mening ben dat wij intussen voor onze inwoners in Huizen moeten zoeken naar creatieve oplossingen, waarmee we de periode die nodig is voor een grondige regionale aanpak van de knelpunten in ieder geval op de korte termijn voor onze inwoners (en met name ook voor de mantelzorgers) kunnen overbruggen. Volgende week zal ik hierover met zorginstellingen en andere betrokken organisaties in onze gemeente gesprekken voeren.