Vreugde en verdriet

Twee gebeurtenissen hebben me deze eerste week na de vakantie zeer geraakt.

David, een Ethiopische asielzoeker die een paar maanden bij ons in huis heeft gewoond omdat hij geen recht meer had op opvang in een asielzoekerscentrum, belde mij dinsdag helemaal verrukt op om te vertellen dat hij een verblijfsvergunning heeft gekregen, dankzij het generaal pardon. Woensdag werd ik gebeld door Seva. Zij en haar moeder Elja en dochtertje Fira, wonen in een opvanghuis van Kerk en Vluchteling en ook zij hebben door het generaal pardon na vele jaren van onzekerheid nu eindelijk een verblijfsvergunning. De vreugde van deze mensen is onbeschrijfelijk. Tranen, ongeloof, blijdschap, allemaal emoties door elkaar heen. We hebben met elkaar zo’n lange periode van onzekerheid, spanning en leven tussen hoop en vrees doorgemaakt. Wat gun ik hen nu dit geluk en wat gun ik Nederland deze fantastische mensen, die nu eindelijk de kans krijgen om iets van hun leven te gaan maken.

Maar er was ook verdriet. Donderdag was het 10 jaar geleden dat drie jonge leden van de voetbalclub Zuidvogels door een tragisch busongeluk om het leven kwamen. Donderdagavond was er een herdenking van deze gebeurtenis op het terrein van Zuidvogels. Ouders, broers, zussen, andere familieleden en vrienden, zij moeten met dit verdriet verder leven. Het is een bijna onmogelijke opgave.

In mijn werk ben ik zo vaak bezig met grote, abstracte zaken. Maar uiteindelijk gaat het toch hierom. Om het geluk en het verdriet van mensen. Om een samenleving die onder gelukkige- en verdrietige omstandigheden om mensen heen blijft staan.

Als ik dan nadenk over de gebeurtenissen in de afgelopen week, voel ik me dankbaar voor onze Huizer samenleving. Voor een stichting Kerk en Vluchteling. Voor een voetbalclub Zuidvogels. Voor al die mensen die in ons dorp vanuit de kerken, verenigingen en stichtingen het leven van anderen in verdrietige dagen een beetje draagbaarder maken en die onder gelukkige omstandigheden meedelen in het geluk van anderen. Zo’n samenleving moeten we blijven koesteren!

Weer aan de slag

Na een boeiende reis door Braziliƫ had ik deze eerste week toch wel even moeite om de problemen in ons eigen dorp weer ter hand te nemen. Een week geleden liep ik nog rond in Sao Paulo, een stad met 20 miljoen inwoners. Er zijn wijken met enorme flatgebouwen, maar ook onafzienbare krottenwijken. De verschillen tussen arm en rijk zijn schrijnend zichtbaar. Hele basale dingen, als een dak boven het hoofd, voedsel, kleding en gezondheidszorg zijn niet voor iedereen beschikbaar. Omdat de bewoners van de krottenwijken geen aansluiting hebben op de riolering zijn er grote problemen in de drinkwatervoorziening. Ook de milieuproblemen zijn immens. Bijna 40% van de beroepsbevolking is werkloos en de criminaliteit is schrikbarend.

Bij zo’n eerste week terug in Huizen valt het dan even niet mee om weer vol energie bezig te zijn met de Huizer agenda. Maar inmiddels is de knop weer om. Er liggen weer veel nieuwe uitdagingen te wachten voor de komende periode.

Het WMO beleidsplan moet worden geschreven en de komende weken komen diverse groepen van belanghebbenden bij elkaar om de belangrijkste knelpunten, die actieve deelname aan onze samenleving belemmeren, in kaart te brengen.

De begrotingsbehandeling voor 2008 moet worden voorbereid. Inmiddels lijkt uit de juni-circulaire van het rijk dat de financiƫle situatie voor Huizen beter uit ziet dan de sombere voorspellingen in het voorjaar. Dat is natuurlijk goed nieuws, maar tegelijkertijd is het ook wel hinderlijk dat we de inkomsten die we als gemeente van het rijk krijgen zo moeilijk voorspelbaar zijn.

Maar ook daarnaast zijn er nog tal van dossiers die weer opgepakt moeten worden en die me de komende tijd zullen bezig houden. De visie op breedtesport, de evaluatie van het armoedebeleid, de gezondheidsnota, het beleid m.b.t. dierenwelzijn, de regionaal economische samenwerking, de nota toerisme: alles draait op volle toeren! Als ik dan zie met hoeveel deskundigheid en enthousiasme onze medewerkers op al die dossiers aan de slag zijn, dan prijs ik mijzelf echt heel gelukkig met de fantastische ambtelijke ondersteuning. Ophouden dus met relativeren. Ik heb er weer zin in!