Vrijwilligers geven kleur aan de samenleving

Vanochtend was ik te gast bij een bijzondere eucharistieviering in de katholieke Vituskerk, ter gelegenheid van het 60 jarig jubileum van deze kerk. Er was door heel veel vrijwilligers enorm veel werk verzet en de sfeer van saamhorigheid was voelbaar. 

In de middag was ik te gast bij de Trappenberg, waar ook weer enorm veel vrijwilligers bezig waren geweest met het organiseren voor tal van activiteiten. Hoewel de lucht af en toe dreigend leek, viel er gelukkig geen druppel regen. Dat zou echt heel zonde geweest zijn, want er waren heel veel buitenactiviteiten. De Lions club stond wijn te verkopen, er was een braderie, er werden tochtjes met een huifkar georganiseerd, taarten gebakken, hockey- en tennisclinics gegeven, serviezen beschilderd, kinderen geschminkt, loten verkocht en nog veel meer. De opbrengst van al die activiteiten was bestemd voor het theehuis, waar kinderen van de Trappenberg straks een opleiding kunnen volgen voor een baan in de horeca.

Of het nu gaat om kerkelijke vrijwilligers, of om vrijwilligers voor de Trappenberg, ze geven mij het gevoel dat er toch nog heel veel goeds in onze samenleving gebeurt. Er zijn gelukkig nog heel veel mensen die zich belangeloos voor een ideaal of een goed doel willen inzetten, hun schouders ergens onder zetten en dan ook samen met andere vrijwilligers prachtige resultaten bereiken. Dit zijn de mensen die kleur geven aan onze samenleving. 

Base en softbalvereniging de Zuidvogels bestaat 40 jaar

Afgelopen zaterdag was ik aanwezig bij de algemene ledenvergadering van Amnesty International Nederland in de Flint in Amersfoort, waar diverse mondiale ontwikkelingen de revu passeerden. ’s Avonds was ik te gast op het spetterende “be wild” feest van de base en softbalvereniging de Zuidvogels, ter gelegenheid van hun 40 jarig bestaan. Op het feest waren niet alleen bestuursleden, spelers en vrijwilligers van nu, maar ook van de vorige generaties, die de vereniging gemaakt hebben tot wat die nu is.

Op het oog heeft dit jubileumfeest niets met mondiale ontwikkelingen te maken. Maar toch…

Op de ledenvergadering van Amnesty was Ruud Lubbers uitgenodigd als gastspreker. Hij hield een inspirerend verhaal over actuele mondiale ontwikkelingen. Hij legde daarbij uit dat de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens ontstond in een tijdperk, waarin andere thema’s dominant waren dan nu. Er was bijvoorbeeld nog geen notie van de klimaatcrisis en de acties uit die tijd waren vooral gericht op regeringen, die zich beter moesten gaan gedragen en universeel aanvaarde mensenrechten moesten respecteren. Op dit moment is de mondiale tendens dat we allemaal in hetzelfde schuitje (namelijk de aarde) zitten en dat we het met elkaar zullen moeten doen. Niet langer worden alleen regeringen verantwoordelijk gesteld, maar de maatschappij als geheel. “Civil society” organisaties (dus maatschappelijke organisaties) en bedrijfsleven spelen een belangrijke rol op tal van mondiale vraagstukken. Er is dan ook een behoefte zichtbaar om meer samen te werken en niet uitsluitend te wijzen naar wat regeringen wel of niet doen. Uit de zaal kwam een vraag, hoe te reageren op de mensen die op Wilders hebben gestemd. Het antwoord van Lubbers was: “Niet op reageren, want iedereen heeft in ons land de vrijheid om te stemmen op wie men wil”. Maar Lubbers vervolgde: “Wat we wel moeten doen, zeker op locaal niveau, is ervoor zorgen dat iedereen mee doet aan de samenleving. Burger zijn in ons land betekent dat je een bijdrage levert. Dat is niet vrijblijvend. Iedereen heeft daarin een eigen verantwoordelijkheid. Als we dat bereiken, dus als iedereen ook daadwerkelijk zijn steentje bijdraagt, dan zullen we vanzelf zien dat over een tijdje gezegd wordt: waar had die Wilders het eigenlijk over?” 

Het feest op de base en softbalvereniging was fantastisch. Heel veel vrijwilligers hebben hiervoor de handen uit de mouwen gestoken en bedrijven hebben het feest ruimhartig gesponsord. Dit is, bedacht ik mij, hoe we in Nederland graag met elkaar willen samenleven, hoe we verdriet met elkaar willen delen, maar ook hoe we vreugdevolle momenten met elkaar willen vieren.

Laten we (overheid, bedrijfsleven en maatschappelijke organisaties!) er toch voortdurend op attent zijn, dat iedereen de kans krijgt om aan de samenleving bij te dragen en dat we niemand uitsluiten. Oud of jong, gehandicapt of gezond, van allochtone of autochtone komaf. Ieder mens heeft eigen mogelijkheden en talenten, die voor de samenleving kunnen worden ingezet.

Monument voor Huizer vissers?

In de afgelopen week vond het jaarlijkse congres van de VNG (Vereniging Nederlandse Gemeenten) plaats in Flevoland. Onderdeel van het programma was een bezoek aan Urk, waar ik samen met mijn collega Petra van Hartskamp deelnam aan een zogenaamde “stegentocht”. Tijdens de rondwandeling door Urk kwamen we ook langs een indrukwekkend monument voor de vele verdronken Urker vissers.

“Waarom hebben we dit niet voor onze Huizer vissers, die in de woelige jaren waarin zij met hun botters de Zuiderzee op gingen verdronken zijn?” vroegen we ons af. En sindsdien laat die gedachte me niet meer los.

In een gesprek met Jady Snel hierover begreep ik dat de namen van de Huizer vissers die verdronken zijn allemaal wel bekend zijn. Maar zit iemand hier nog wel op te wachten? Of is het allemaal al te lang geleden?

Vandaag hoorde ik van mijn eigen moeder dat zij een familielid heeft gehad die verdronken is in de buurt van Hoorn. Hij was met zijn eigen botter op zee en kwam om in een storm. Zijn zoon moest hem daar gaan identificeren. Hij had twee knikkers in zijn zak en hij had eerder al tegen zijn zoon gezegd: “als ik ooit verdrink en gevonden word, dan kan je me hieraan herkennen”. Hij werd begraven in Hoorn, want het geld om hem naar Huizen te laten overbrengen was er niet.  

Uit dit persoonlijke verhaal is mij duidelijk geworden dat er nog steeds wel mensen zijn die herinneringen koesteren aan onze Huizer vissers, die vaak door de bittere armoede gedreven werden om met gevaar voor eigen leven toch steeds weer de zee op te gaan om te vissen. Het risico om dit met de dood te moeten bekopen calculeerden zij in, omdat er nu eenmaal brood op de plank moest komen voor hun gezin. Het is bijna heldenmoed en daar mag wat mij betreft -postuum- toch wel met respect op worden teruggezien. 

De komende week ga ik dit idee voor een monument voor verdronken Huizer vissers toch eens bespreken met de betrokken ambtenaren.

 

 

Noord Hollandse CDA vrouw in Europa!

Een negatieve kijk op Europa lijkt veelal de overhand te hebben, terwijl er genoeg redenen vóór Europa zijn. “Europa kost ons teveel geld” is wat eurosceptici ons wijs proberen te maken. Maar wat zijn de feiten?

1.      We betalen 1 miljard per jaar aan de EU. Maar we verdienen 34 miljard per jaar aan Europa.

2.      De Europese Unie kent 500 miljoen mensen. Het besturen daarvan is goedkoper dan het besturen van de provincie Noord-Holland.

3.      Er zijn veel te veel ambtenaren in Brussel. Bij het dagelijks bestuur van de Europese Unie zijn 24.000 ambtenaren in dienst, inclusief de tolken en vertalers die het mogelijk maken dat er in de 24 talen van de Unie gewerkt wordt. Bij de Nederlandse ministeries werken in totaal 115.000 ambtenaren.

 Veel van het geld dat wij betalen aan Europa vloeit weer terug naar ons land, in de vorm van landbouwsubsidies bijvoorbeeld. Of als bijdrage voor de aanleg van de hogesnelheidstrein. Nederland profiteert als handelspartner vooral economisch. Door onze export is de transportsector explosief gegroeid. In het zuiden van Europa rijden onze vrachtwagens over wegen die met Europees geld zijn aangelegd. Dankzij het afschaffen van invoerrechten en andere handelsbelemmeringen kunnen wij onze producten onbeperkt in de hele Unie verkopen. 80% van onze export gaat immers naar EU-landen. Dat levert voordelen op die zo groot zijn dat ze niet meer uit onze economie zijn weg te denken.

De recente kredietcrisis en het belang van de Euro heeft dit wederom aangetoond. Kijk maar hoe de IJslandse Kruna compleet is weggezakt en hoe de IJslanders zelf worstelen om hun economische crisis te boven te komen. Veel IJslanders willen nu graag toetreden tot de Europese Unie. Voor iedereen is duidelijk dat deze crisis alleen transnationaal, dus in door samen te werken binnen Europa, kan worden opgelost.

Rena Netjes doorkruist Noord-Holland om deze boodschap uit te leggen.

Rena Netjes is één van ons, een echte nuchtere Hollandse meid. Een cosmopolitische dorpeling. Iemand die de dorpse en traditionele waarden belangrijk vindt en deze verbindt met modern globalisme.

Wij hebben nu de kans om te stemmen op een echte Noord-Hollandse CDA vrouw, die onze belangen in Europa uitstekend kan behartigen. Ik weet niet of u uw mind al heeft opgemaakt, maar ik ga voor Rena Netjes!