Gelukkig nieuwjaar

Morgen en overmorgen zal er worden teruggeblikt op het jaar 2010. Voor velen een bewogen jaar, zakelijk, sportief, politiek of privé.

Met de viering van de jaarwisseling staan we stil bij alle gebeurtenissen in het afgelopen jaar, zowel bij de mooie als bij de verdrietige gebeurtenissen. Maar we kijken ook vol verwachting vooruit naar alles wat het jaar 2011 ons brengen zal.

Ik hoop u persoonlijk te mogen ontmoeten tijdens de nieuwjaarsreceptie van de gemeente Huizen (6 januari) of de nieuwjaarsbijeenkomst van het CDA Huizen (7 januari) of op een van de vele andere nieuwjaarsbijeenkomsten die we de komende weken zullen hebben.

Maar ik wil u en allen die om u heen staan nu al vast een heel gelukkig, gezond en voorspoedig 2011 toewensen. 

Janny Bakker

IJspret

Het is al weer de laatste week van het jaar 2010. Ik werk wel deze week, maar toch ook weer niet. Er zijn nauwelijks afspraken gemaakt en dus geniet ik van de bijzondere afspraken die er wel zijn, zoals een bezoek aan een echtpaar dat 50 jaar getrouwd is en het aanbrengen van het eerste bordje van de serie nieuwe toeristische bewegwijzering in Huizen. Tussentijds inspecteer ik met veel plezier het ijs op het Gooimeer (gisteren ging mijn zoon daar nog met één schaats doorheen) en ik heb vandaag zelf geconstateerd dat het ijs vooraan bij het surfstrand me wel houdt. Echt tochten maken zit er helaas nog niet in. Maar toch heerlijk om op de valreep in 2010 nog even het gekraak onder de ijzers te hebben gevoeld.

CDA Bestuurdersvereniging

Gisteren was ik in den Bosch voor een bijeenkomst van de CDA bestuurdersvereniging, uitstekend georganiseerd door onze eigen Jaap van As, die directeur van deze vereniging is (op de foto links aan tafel). Het is altijd weer even afwegen waar ik mijn kostbare tijd aan besteed, zeker in het weekend. Maar van deze zaterdag had ik beslist geen spijt. Wat een inspiratie!

Geert Jansen (voorzitter van de CDA bestuurdersvereniging) opende met inspirerende woorden uit de bijbel. “Want”  zo lichtte hij toe, “Alleen vooruitkijken is niet genoeg. Het vertrekpunt moet helder zijn”.

 

Na hem sprak  Wim van de Donk over moderne opvattingen over ‘bestuurskracht’ en ‘kerntakendiscussies’. Volgens hem vloeien dit soort termen in het openbaar bestuur voort uit een neo-liberale oriëntatie. Het gaat dan om een bedrijfseconomische concepten en daar worden vervolgens technocratische discussies over gevoerd. Het is van binnen naar buiten denken en dat past niet bij onze christen democratische traditie. Wij erkennen dat veranderingen in de samenleving tot stand komen vanuit de kracht van mensen en van gemeenschappen. Bestuurders moeten mensen dus kennen en op cruciale momenten met mensen zaken doen.  Daarbij is nooit sprake van eenheidsworst. Steden zijn anders zijn dan platteland. Niet elk vraagstuk in het openbaar bestuur kent dan ook een ‘standaard’ oplossing. De vragen waar het bij besturen om gaat is: “wat zijn de opgaven waar we voor staan en wat is daarin onze verantwoordelijkheid?”

Na Wim van de Donk sprak Paul Frissen ons toe. Hij begon met de constatering van Machiavelli dat politiek altijd te maken heeft met macht. De overheid moet grenzen stellen. Nu is de overheid het enige domein dat eigen grenzen kan stellen. De overheid beschikt bovendien over het geweldsmonopolie. Daarom moet de overheid terughoudend zijn en zo min mogelijk partij kiezen.

Ons land is altijd zo bijzonder geweest, omdat we het over onze identiteit nooit eens waren. De staat ging daar ook niet over. Het maatschappelijk middenveld was groot en dat ging over identiteit. De staat bleef daarbuiten. 

Paul Frissen wees op de deugden voor bestuurders, zoals Aristoteles die beschreef. Onder ‘deugden’ wordt dan verstaan: het midden zoeken tussen uitersten in een streven naar voortreffelijkheid. Dit is iets anders dan ‘daadkracht’ en ‘gedwongen assimilatie’. Deugden zijn o.a. prudentie (voorzichtig en verstandig zijn en van tijd tot tijd doortastend), proportionaliteit (altijd matiging betrachten), bescheidenheid (altijd weten dat je je kunt vergissen), oordeelsvermogen (de wereld is altijd nét even ingewikkelder dan je dacht), tolerantie (óók het ondraaglijke verdragen) en cosmopolitisme (de wereld is groter dan ons dorp of land en vol van conflicten en tegenstrijdigheden).

Macht is iets dat geschonken is, geen vrijbrief om te handelen. Democratische legitimatie is geen vrijbrief dat je de komende vier jaar gelijk hebt. Kortom: een pleidooi voor ‘Aristocratische’ politiek.

Als laatste spreker kwam Piet Hein Donner aan het woord. Hij benadrukte dat democratie niet betekent: ‘het doorzetten van de wil van de meerderheid’ maar ‘het beschermen van de minderheid’. Het CDA heeft volgens Donner een expliciete staatsopvatting, die inhoudt dat het niet draait om de staat, maar om de menselijke waardigheid van haar inwoners. Mensen ontlenen hun waardigheid aan het in eigen kracht kunnen functioneren en zelf keuzes kunnen maken. Daar is de overheid dienend aan. De christen democratie heeft een relationeel mensbeeld, waarbij vrijheid en verantwoordelijkheid aan elkaar verbonden zijn.

In de discussie wees van de Donk erop dat we ons middenveld steeds meer aan het ‘verstatelijken’ zijn. Het ligt er momenteel dan ook wat berooid bij. Een partij als het CDA, die zich van oudsher wil verbinden met dat maatschappelijk middenveld, komt daardoor juist nu in de problemen.

Conclusie van het debat was, dat we in de nabije toekomst niet de discussie moeten aangaan over ‘kerntaken van de overheid’, maar dat we opnieuw het ideologische debat moeten voeden. Daar is het CDA van oudsher altijd sterk in geweest.

Drie gezaghebbende sprekers. Een boodschap die we als CDA-ers maar even goed op ons moeten laten inwerken en vervolgens vertalen naar de praktijk van alle dag! Op nationaal niveau zal dat volgens mij betekenen dat het partijbestuur, de fractie én het wetenschappelijk instituut van het CDA nauw aan elkaar verbonden moeten zijn. Maar ook dat de leden én de bestuurders van het CDA de discussie van onderop moeten voeden. Ik vind het een uitdaging om daaraan deel te nemen.

CDA 30 jaar

Zaterdag bestond het CDA 30 jaar en dat werd gevierd in de Jacobikerk in Utrecht. Vanuit Huizen waren we met drie personen aanwezig. Het was een mooi evenement, dat begon met een viering met muziek en bezinning. Jaap Smit sprak tijdens de viering de aanwezigen toe met een zin met een dubbele betekenis: “Wij zijn de mensen die er nog in geloven”.  Hij sprak over saamhorigheid en verbondenheid en over 3o jaar inspiratie. Het CDA begon met de opdracht om de wereld leefbaarder te maken. Onze droom is de “Hof van Eden” en die staat haaks op een “jungle waarin het recht van de sterkste heerst”. Christelijke politiek kan daarom niet gelijk staan aan conservatisme. Wij mogen ook nooit genoegen nemen met de verharding in de samenleving, maar moeten steeds zoeken naar nieuwe wegen om die leefbare samenleving dichterbij te brengen. De huidige samenleving lijkt steeds verder te polariseren, of zoals de popgroep Blóf dat zegt: “Omdat we nergens meer in geloven zijn we bang.” Jaap Smit deed de oproep om te luisteren in plaats van te roepen (lees Jacobus 1:19-27). We mogen dankbaar zijn voor de vrijheid om alles te mogen zeggen wat we willen, maar we moeten niet alles willen zeggen.

Een volle Jacobikerk

Na deze inspirerende boodschap was er een lunch en daarna luisterden we naar de woorden van Ruud Lubbers. Kern van zijn betoog was dat het CDA altijd heeft gestaan voor diversiteit, participatie en duurzaamheid. Zoals we 30 jaar geleden schijnbaar onoverbrugbare kloven (tussen katholieken en protestanten) overbrugden, zo zouden we ook nu de brug moeten slaan naar anderen die religieus geinspireerd én democraat zijn, zoals bijvoorbeeld de moslims. Ook deed Ruud Lubbers een oproep aan met name de vrouwen, om vrouwenrechten in ons land, óók voor moslima, te blijven bevechten.  

Marja van Bijsterveldt, onze eerste vrouwelijke partijvoorzitter, nu minister van onderwijs, sloot de lezingen af. Haar bijdrage sprak mij het meest aan, misschien ook wel omdat zij zo dicht bij de “gewone” mensen staat. Met haar 30 jarige ervaring binnen het CDA en vele anekdotes wist ze de aanwezigen dan ook zeer te boeien. Voor haar was het van belang dat het CDA een partij is die vanuit “beginselen” denkt en opereert. Zelf, zo vertelde ze, heeft zij het CDA als emancipatiebeweging ervaren. Zij vindt de slogan van de VARA “Wees verschillig!” heel erg bij het CDA passen. Voor haar wordt de basis van het CDA nog altijd gevormd door de leden, die in tal van zaaltjes en verbanden (CDA jongeren, CDA vrouwen etc.) in het land bij elkaar komen en zich via o.a. resoluties op het partijcongres inzetten voor een betere samenleving. Het CDA moet die cultuur van intuïtie van de leden en de daaruit voortvloeiende partijdemocratie koesteren en waken voor een machtsgerichte cultuur.

Eigenlijk is 30 jaar CDA kort, maar toch ook al een hele tijd. Het is goed om niet alleen stil te staan bij de afgelopen periode, waarin het CDA (net als in 1994) een slechte verkiezingsuitslag heeft behaald, maar om ook eens stil te staan bij wat er in 30 jaar allemaal is bereikt. Als ik dat weer op een rijtje zie, dan is onze partij nog steeds van groot belang in de samenleving en dan moeten we vooral door op de ingeslagen weg, vanuit onze beginselen én voortbouwend op het enorme netwerk binnen alle lagen van onze partij.

In gesprek met Marja van Bijsterveldt

Na afloop was er volop tijd om elkaar te ontmoeten. Ik heb nog een tijdje na staan praten met Marja van Bijsterveldt. Ik hoop dat het CDA binnenkort een voorzitter vindt, van opnieuw haar kaliber. Want zo iemand hebben we de komende jaren hard nodig!

Winterboulevard

“In onze regio zijn meerdere ijsbaantjes, maar wij hebben een Winterboulevard!” Dat waren de trotse woorden van burgemeester Hertog bij de opening van de Winterboulevard afgelopen vrijdag. Het heeft wat voeten in de aarde gehad, maar het is gelukt! Dankzij vele sponsoren en nog meer vrijwilligers hebben we dit fantastische en oergezellige evenement een hele maand in ons oude dorp. De opening was spectaculair. Ik vond het ook leuk dat er zoveel raadsleden bij aanwezig waren.

Spectaculaire openingsshow!

Veel raadsleden aanwezig!

Velen zetten zich vrijwillig in, zoals ook deze ijsmeesters.

Een trotse burgervader!

 Ik ga zeker de komende 4 weken nog eens op deze unieke plek in ons dorp schaatsen (de eerste oefening op de ijshockeyschaatsen viel niet mee voor iemand die noren gewend is) en ik ga natuurlijk ook een ochtendje als vrijwilliger helpen. De kracht van het vrijwilligerswerk is toch dat vele handen licht werk maken.