Regionale aangelegenheden

Zorgen over PGB

6

Ik maak me zorgen over de toekomst van het PGB en ik ben niet de enige. Veel mensen vanuit belangenorganisaties hebben mij hierover benaderd. De algemene gedachte is dat men in den Haag echt niet begrijpt wat de nieuwe voorstellen voor het PGB gaan betekenen in de individuele situatie van veel mensen.  Er wordt weliswaar door de staatssecretaris voortdurend gezegd: “U houdt uw recht op zorg”, maar dat is wel iets anders dan: “U houdt ook de regie over uw eigen leven”.

Ook voor gemeenten breken spannende tijden aan. In het bestuursakkoord stond de afspraak dat de gemeente zelf kan bepalen of zij een PGB toekent  of niet (in het wetsvoorstel heet dat in jargon de “kan- bepaling”). Maar zelfs daarover is nu in den Haag discussie ontstaan. De motie Wolbert over het PGB is verworpen omdat de VVD niet meestemde. De VVD heeft echter wel aangekondigd om bij de wetsbehandeling op de “kan-bepaling” terug te komen. Want zij vindt de “kan-bepaling” te vrijblijvend. Stel je ook eens voor dat men er in den Haag op gaat vertrouwen dat gemeenten hier goed mee om zullen gaan. Bah! Het is frustrerend om vanuit de gemeente dit soort top-down mechanismes in den Haag steeds weer voor de kiezen te krijgen, terwijl we het PGB (en in het verlengde daarvan in Huizen ook het PVB) al lang naar tevredenheid van de gebruikers hebben geregeld! Het kabinet komt binnenkort waarschijnlijk met een op dit punt aangepast wetsvoorstel naar de Kamer en dan moeten we als gemeente helaas maar weer afwachten hoe iedereen er op gaat reageren.

Maar zoals de Tweede Kamer kennelijk bezorgd is over de uitvoering door gemeenten, zo ben ik ook bezorgd over de uitvoering van dit soort belangrijke maatregelen door het rijk. Als lokaal bestuurder ben ik gewend om beslissingen voor te bereiden in nauw overleg met het ‘maatschappelijk middenveld’. Zeker als het om WMO beleid gaat is het essentieel om van de gebruikers zelf te horen wat de uitvoering van voorgenomen beleid in de praktijk van iedere dag voor hen zal gaan betekenen. En steeds opnieuw heb ik weer de ervaring dat gebruikers bereid én in staat zijn om hierover constructief mee te denken. De aanbesteding van de WMO taxi in onze regio is hiervan een goed voorbeeld: Betrek gebruikers in een vroeg stadium (al bij de ambtelijke voorbereiding) en er komt een kwalitatief veel beter resultaat uit, dat nog voordeliger is ook. In de afgelopen week bleek die constructieve houding ook weer, toen we met vertegenwoordigers van alle WMO Raden uit onze regio overleg voerden over de vraag naar hun visie op de regionale WMO agenda.

Waarom lukt dit in den Haag toch steeds maar niet? Het zou toch mogelijk moeten zijn om met organisaties die gebruikers vertegenwoordigen alternatieven uit te werken die enerzijds passen binnen de kaders van de noodzakelijke bezuiniging, maar tegelijkertijd ook veel meer recht doen aan de individuele situatie van mensen? Ik blijf me hierover verbazen, omdat ik weet dat het ook echt anders kan! Op dit moment maak ik me echter vooral zorgen over de effecten van het nu voorgestelde beleid in het leven van gewone mensen, die we zullen gaan zien vanaf het moment waarop de PGB maatregelen van kracht zullen worden. Hopelijk valt ergens het tij nog te keren?

OV taxi wordt WMO taxi

0

In de afgelopen week hebben we als bestuurders van de acht gemeenten in onze regio (Laren doet nog even niet mee) een presentatie gehad van de taxi-bedrijven achter “de Vier Gewesten BV”, die per 1 januari a.s. voor onze regio de WMO taxiregeling zullen gaan uitvoeren. Het gaat om drie familiebedrijven, namelijk:

- Bestax BV

- Taxi Hop BV

- Verhoef personenvervoer BV.

Wij verwachten veel van de samenwerking met onze nieuwe partner(s), mede doordat zij een heel andere schaalgrootte kennen dan Connexxion, die tot 1 januari de OV taxiregeling voor de provincie Noord-Holand en de gemeenten uitvoerde. Ook het feit dat nu de gemeenten zelf -en dus niet meer de provincie- de regie hebben, maakt dat wij er vertrouwen in hebben dat het WMO vervoer sterk verbeterd zal gaan worden: kortere lijnen, betere communicatie en meer invloed van de gebruikers zelf.  En het moet ook beter worden, want tot op heden vormen de problemen rond mobiliteit voor veel mensen met beperkingen het grootste struikelblok voor hun deelname aan de samenleving.

Natuurlijk gingen we ook even poseren voor de nieuwe WMO taxi, die er vanaf 1 januari 2012 als volgt uit zal komen te zien:

Bestuurders en vervoerders voor de nieuwe WMO taxi

Een mooi voorbeeld van regionale samenwerking trouwens, zoals we die in het Gewest Gooi en Vechtstreek steeds vaker zien. Persoonlijk ben ik vooral ook heel tevreden over de rol die onze WMO Raden in dit hele proces van de aanbesteding hebben gespeeld en die zij ook (bij de bewaking van het functioneren van de WMO-taxi) zullen blijven vervullen. Het bewijst maar weer eens dat we -door de expertise vanuit de gebruikers écht serieus te nemen- tot veel betere resultaten kunnen komen dan wanneer we dingen voor mensen regelen vanuit onze eigen ivoren toren.

Wordt 2012 het jaar van de verbinding?

1

Ik kwam in de afgelopen weken even niet toe aan mijn weblog, maar hier ben ik weer. Wat is er intussen veel gebeurd! Terugkijkend op de afgelopen weken kan ik nog nagenieten van alle activiteiten die in Huizen georganiseerd zijn. Het voorproefje op het Oude Raadhuisplein, waar heel veel mensen elkaar ontmoetten, de Huizerdag in de stralende zon en de Huizer botterdagen, waar de goede contacten tussen gemeenten in onze regio werden verstevigd.  

Samenwerking bij de Taeje Bokkesrace

Maar wat te denken van de activiteiten van de vele sportverenigingen die in de afgelopen weken weer van start zijn gegaan? De talloze activiteiten die voor jongeren én ouderen werden georganiseerd. De spontane nieuwe initiatieven, zoals het opzetten van een systeem van ‘schuldhulpmaatjes’ vanuit de kerken. De serviceclubs, die zich inzetten voor de locale samenleving door het organiseren van het South Sea Jazzfestival of door het realiseren van een monument voor de Huizer vissers. En dan alle activiteiten vanuit zorginstellingen en welzijnsorganisaties, die hun stinkende best doen om de eigen kracht van kwetsbare burgers te versterken. Zomaar wat voorbeelden uit mijn dagelijkse ervaringen in de afgelopen weken!
Maar niet alleen organisaties komen iedere keer weer verrassend uit de hoek. Ook individuele burgers blijven me inspireren. In ons WMO beleid hebben we de regie (weer) teruggelegd bij de burger en wat blijkt uit de gesprekken die onze consulenten met burgers hebben? Die burgers pakken die regie uitstekend op, ze nemen hun verantwoordelijkheid, voor zichzelf, maar ook voor hun omgeving.
Het is allemaal eigenlijk overweldigend wat er in ons dorp gebeurt. Ik onderga dit alles bijna als ‘vanzelfsprekend’. En misschien is dit ook wel zo. Er zit zo enorm veel kracht in de samenleving, dat het bijna belachelijk is om als bestuurder te denken dat  je daar zelf een dominante rol in zouden moeten hebben. 
Vandaag las ik de trendrede 2012. Het is de tweede keer, dat een aantal trendwatchers bij elkaar zijn gaan zitten om te zien wat er in ons land aan de hand is. Een goed leesbaar stuk, waarin toch ook wel een flink aantal stevige uitspraken worden gedaan, die mij als bestuurder aan het denken zetten.
Wat dacht u bijvoorbeeld van deze trend:
“Er is woede en onbegrip. We lopen vast in allerlei systemen. We zijn verkloofd. We zien mensen langzaam afstand nemen van het systeem van onbeperkte, maar vooral van betekenisloze groei – enkrimp. Men ziet deze periode als een stap terug, maar het is eerder een stap opzij. Woede creëert nieuwe wegen. Veel individuen zetten zwijgend een kleine stap. En straks zal blijken, dat we collectief een nieuwe richting zijn ingeslagen. Het wachten is op een charismatische nieuwe semantiek, op nieuwe autoriteiten met een fris vocabulaire, in een andere toonsoort dan we gewend zijn geweest de afgelopen jaren”.
Of deze: 
“De burger zoekt geen macht, voert geen actie en zit niet lijdzaam bij de pakken neer. Hij zet een zwijgende revolutie in gang, waarbij oude patronen langzamerhand opzij worden geschoven. Zelfsturing is een kernwoord voor 2012″.
 
Eén van de vragen die aan het eind open blijven is: “Blijven we bij de pakken neerzitten? Of herpakken we de kracht die in onze cultuur schuilt?”
De trendwatchers pleiten er aan het eind van hun betoog voor om 2012 te bestempelen als het jaar van de ‘verbinding’. Dat spreekt mij wel aan. Voor mij is dan de kernvraag, of het gaat lukken om de verbinding te leggen tussen de kracht die in onze cultuur schuilt en de richting die  we als overheid én burgers steeds weer gezamenlijk zullen moeten kiezen.
Wauw, wat een uitdaging. Want wat schuilt er een kracht in ons eigen dorp Huizen, in onze regio, in ons land!
Ik krijg er weer helemaal energie van!

Mediasector van groot economisch belang voor hele regio

0

 

Afgelopen week maakten we kennis met gedeputeerde van Run, die vanuit de provincie Noord Holland verantwoordelijk is geworden voor economische zaken. Tot aan de verkiezingen heeft Jaap Bond deze portefeuille met veel enthousiasme invulling gegeven. Hij stimuleerde dat de regiogemeenten in de Gooi en Vechtstreek hun bijdragen aan economische ontwikkeling verviervoudigden en zette daar als provincie nog eens het dubbele bedrag tegenover. Dit bedrag, samen met een bijdrage vanuit de Kamer van Koophandel, was opgeteld ca. 1 miljoen euro per jaar, waarvan dus ca. 500.000 euro afkomstig was van de provincie Noord Holland. Door die bijdragen zijn we als regio in staat geweest om innovatie in de voor ons meest belangrijke sectoren een enorme impuls te geven. Dat werd ook zichtbaar in de presentaties van de vier innovatieplatforms: media (iMMovator), Zorgeconomie (iZovator), Toerisme en recreatie (iTRovator) en innovatief ruimtegebruik op de bedrijventerreinen (iLocator). 

Het is nu, na de provinciale verkiezingen en de wisseling van gedeputeerde, weer even afwachten hoe de samenwerking met de provincie verder zal verlopen. Van Run was in ieder geval onder de indruk van wat er in onze regio allemaal tot stand is gebracht. Toch wilde hij in dit stadium geen enkele toezegging doen over de voortzetting van de (financiële) steun vanuit de provincie. 

Na de presentaties van de bereikte resultaten tot nu toe, was er tijd voor een heuse bezichtiging van het mediapark. We deden dit in een soort ‘treintje’, de zogenaamde ‘Hillywood express’. Een aanrader om deze rondleiding eens te ondergaan. Voor ons gezelschap (wethouders uit de regiogemeenten, directeuren van innovatieplatforms, gedeputeerde en ambtenaren van Gewest en Provincie) was het een verkorte versie van een half uur, maar normaal duurt deze tour een uur en worden tal van interessante plekken in het mediapark bezocht, waaronder ook studio’s, een enorme ondergrondse ruimte met decorstukken en nog veel meer. 

Directeuren van innovatieplatforms en wethouders uit regiogemeenten in de 'Hillywood-express'

Na dit interessante intermezzo werd door de directeur van het Mediapark een presentatie gegeven over de ontwikkeling van het Mediapark in de afgelopen jaren. Hieruit bleek vooral het belang van een goede samenwerking (én focus!) van overheid (in dit geval de provincie Noord Holland en de gemeente Hilversum) en bedrijfsleven.

Daarna volgde een presentatie over het economisch belang van de mediasector voor onze regio. De cijfers (uit de recente cross-media monitor 2010-2011) liegen er niet om. Van de 106.000 werkzame personen in onze regio vinden 60.000 mensen een baan in de eigen regio. 46.000 mensen pendelen dus naar buiten de regio, vooral naar Amsterdam. Echter, bovenop die 60.000 mensen werken hier ook nog eens 20.000 mensen die direct buiten onze regio wonen (in de zogenaamde Metropoolregio Amsterdam) en aan 46.000 mensen uit de rest van Nederland. Er gaan dus dagelijks meer mensen onze regio in dan uit! De Gooi en Vechtstreek biedt daarmee, in vergelijking tot omliggende steden, aan veel mensen van buiten de regio een baan. De mediasector speelt hierin een heel belangrijke rol!

Uit onze regio werkt één op de acht werkzame personen die woonachtig zijn in overige gemeenten van de Gooi en Vechtstreek in Hilversum. Gemeenten die dichtbij Hilversum liggen scoren wel wat hoger (15 tot 20%) dan bijvoorbeeld Huizen. Vanuit Huizen werkt 11% van de beroepsbevoling in Hilversum. Met deze cijfers is in ieder geval het enorme regionale belang van de mediasector goed weer te geven. Er is ons dus als regiogemeenten alles aan gelegen om een sterke mediasector in onze regio te behouden. Daarnaast willen we de beschikbare kennis binnen de mediasector (in de brede zin des woords) ook beter gaan benutten voor innovatieve toepassingen in andere sectoren, zoals zorg en toerisme.   

V.l.n.r.: Gaston Crolla (KvK); Jan Rensen (wethouder Hilversum) en Jan van Run (gedeputeerde prov. NH)

Samenwerking in de regio

0

Vandaag hebben we als negen regiogemeenten (raadsleden, wethouders, burgemeesters en ambtenaren) uitvoerig gediscussieerd over de gewenste regionale samenwerking.

Aan deze discussie is een uitvoerig proces vooraf gegaan, waarin -onder leiding van Ben Hammer (oud wethouder van Hilversum en oud DB lid van het Gewest)- een rapport is opgesteld met concrete aanbevelingen voor regionale samenwerking. Sommige politieke partijen, waaronder ook het CDA, hebben hier regionale bijeenkomsten voor georganiseerd, om te bezien in hoeverre op partijniveau een eenduidig standpunt over de noodzakelijke c.q. gewenste regionale samenwerking kon worden gevonden.

regionale CDA bijeenkomst ter voorbereiding van 20 mei

Vandaag was het dan zover. Een echte “Gooise landdag”, om in termen van Hans Hillen te blijven. Wat opviel was de goede sfeer, waarin de onderlinge discussie plaats vond. Diverse thema’s passeerden de revu.
Hoewel het lastig is om nu al conclusies te trekken uit wat er allemaal is gewisseld vandaag, vielen een paar zaken wel op.
a. Er is bij alle partijen een gevoel van urgentie voor regionale samenwerking. Bij kleinere gemeenten is dit overigens wel meer dan bij (middel)grote gemeenten, zeker met het oog op de overheveling van nieuwe taken vanuit het rijk naar gemeenten;
b. De bestaande uitvoerende diensten van het Gewest (GAD, GGD, RAV) worden zeer gewaardeerd en staan dus ook niet ter discussie;
c. Voor overige beleidsterreinen is er behoefte aan een duidelijke regionale agenda, waar gemeenteraden ‘kaderstellend’ in zijn;
d. Er is behoefte aan een betere ‘democratische legitimatie’ van de besluitvorming in het Gewest.  Het huidige AB voorziet daar onvoldoende in.
e. Communicatie blijft een sleutelwoord. Hoe communiceren we als Gewestelijke organisatie met de gemeenten en hoe ontvankelijk zijn die gemeenten voor communicatie vanuit het Gewest.

Bestuurlijk trekker van dit dossier (wethouder Jan Rensen uit Hilversum) gaf bij het afsluiten van de bijeenkomst aan dat het Dagelijks Bestuur van het Gewest op basis van het rapport én alles wat daarover vandaag is gewisseld op korte termijn met nadere voorstellen zal komen. Ik ben van mening dat er veel kansen liggen voor gemeenten om een aantal zaken die op regionaal niveau spelen ook écht goed met elkaar te organiseren.  

Samenwerking in het Gewest

0

In de afgelopen week werd door Ben Hammer (voormalig wethouder Hilversum en nu in de hoedanigheid van voorzitter van de klankbordgroep herijking Gewest) een rapport gepresenteerd aan Ernst Bakker, voorzitter van het Gewest Gooi en Vechtstreek. In het rapport staan een groot aantal aanbevelingen voor een effectieve en efficiënte samenwerking van de negen gemeenten (Blaricum, Bussum, Hilversum, Huizen, Laren, Muiden, Naarden, Weesp en Wijdemeren) binnen het Gewest Gooi en Vechtstreek.

Het rapport is zorvuldig voorbereid door o.a. leden van het Algemeen Bestuur van het Gewest (raadsleden en wethouders) ambtenaren en enkele extern betrokkenen bij het Gewest. Het rapport is in de afgelopen week alleen aangeboden en toegelicht. Het is nu de bedoeling dat gemeenten het rapport gaan bestuderen. Daarna volgt een inhoudelijke discussie tijdens een regionale bijeenkomst op 20 mei. Nol van de Helm en Liesbet Tijhaar waren namens Huizen als leden van het AB van het Gewest en als lid van de klankbordgroep nauw bij de voorbereidingen van het rapport betrokken.  Nol van de Helm  gaat de commissie Algemeen Bestuur en Middelen (ABM) van de gemeente Huizen a.s. donderdag dan ook informeren over de hoofdlijnen uit het rapport.

Ik merk dagelijks in mijn werkzaamheden hoe belangrijk het is om als gemeenten met elkaar samen te werken. Het levert veel kennisuitwisseling op en het voorkomt dat we steeds ieder voor zich weer het wiel uit moeten vinden. Toch moeten we mijns inziens altijd kritisch blijven in de keuzes die wij m.b.t. samenwerking maken. Ik ben van mening dat samenwerking de gemeente Huizen ófwel kwaliteitswinst, ófwel een kostenbesparing moet opleveren en het liefst allebei. Het rapport dat nu voorligt biedt mijns inziens genoeg mogelijkheden om daar werk van te maken.

Provincie steunt regionale samenwerking maatschappelijke ondersteuning

0

Twee weken geleden ging een persbericht van het Gewest Gooi en Vechtstreek uit, waarvan ik eigenlijk niets in de media heb teruggezien. Misschien is de boodschap  ingewikkeld, maar daarom niet minder belangrijk. Als wethouders WMO in de regio Gooi en Vechtstreek spannen we ons namelijk enorm in om in nauwe samenwerking tot een goed systeem van maatschappelijke ondersteuning in onze gemeenten te komen, waardoor mensen die ondersteuning nodig hebben ook écht worden geholpen.  Het nieuws is, dat we daarbij nu ook de steun van de provincie hebben! Hier dus het persbericht, voor de mensen die hier wél belangstelling voor hebben.

De provincie Noord-Holland ondersteunt, op initiatief van gedeputeerde Rob Meerhof, de gemeenten in de Gooi en Vechtstreek bij de totstandkoming van de regionale samenwerking op het terrein van wonen, welzijn en zorg (samengevat maatschappelijke ondersteuning). De portefeuillehouders van de negen gemeenten in de Gooi en Vechtstreek willen de uitvoering van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) gezamenlijk oppakken. De regionale samenwerking komt mede dankzij een provinciale bijdrage van €150.000,- in een stroomversnelling terecht.

Nu met elkaar zorgen dat ook straks iedereen mee kan doen

Iedereen wil zo lang en zo zelfstandig mogelijk mee kunnen doen aan de samenleving. Gemeenten ondersteunen inwoners die hierbij problemen ondervinden. Door vergrijzing en bezuinigingen van het Rijk is het steeds moeilijker voor gemeenten om deze maatschappelijke ondersteuning betaalbaar te houden en om tegelijk de kwaliteit op peil te houden. Door nu slim samen te werken en met inwoners en aanbieders van zorg en welzijn in de Gooi en Vechtstreek de maatschappelijke ondersteuning te vernieuwen, verwachten de gemeenten ook de komende jaren ervoor te kunnen zorgen dat iedereen mee kan doen.

De vraag centraal

De gemeenten willen een verandering realiseren van het verstrekken van voorzieningen op basis van individuele rechten naar het op maat ondersteunen van inwoners op verschillende leefgebieden. De maatschappelijk ondersteuning is gericht op het vergroten van de zelfstandigheid van inwoners en het versterken van de eigen regie van mensen op het dagelijks leven. Bij deze vernieuwing staat het activeren én ondersteunen van de eigen kracht van mensen centraal. De wethouders in de Gooi en Vechtstreek zijn ervan overtuigd dat deze doelstellingen gerealiseerd kunnen worden door mensen zelf oplossingen te laten formuleren voor problemen. En vervolgens door de vraag van mensen sturend te laten zijn bij de vormgeving van de maatschappelijke ondersteuning. Door de vraag van mensen centraal te stellen verwachten de gemeenten dat inwoners een hogere kwaliteit ervaren, gelijkwaardigheid in de dienstverlening ervaren en een doelmatiger inzet van publieke middelen. Dit betekent dat er in de toekomst geen blauwdrukken (zoals regelingen en indicatiebesluiten) van ondersteuning meer af te geven zijn. Vraagsturing vraagt om een andere organisatie van dienstverlening. Voor de burger moet dit alles leiden tot een goede dienstverlening, meer keuzevrijheid, en een pakket van maatregelen dat echt past bij de eigen situatie en mogelijkheden.

Visie omzetten in een uitvoeringsprogramma

Tijdens een recent georganiseerde regionaal congres is deze visie besproken met raadsleden, aanbieders, wethouders en ambtenaren. Met behulp van de gelden van de provincie Noord Holland wordt nu gewerkt aan het vertalen van de visie in een uitvoeringsprogramma dat als basis kan dienen voor de lokale Wmo beleidsplannen. Om dit proces goed te begeleiden hebben de wethouders Wmo in de Gooi en Vechtstreek een bestuurlijke taskforce geformeerd. In deze stuurgroep zitten wethouder Janny Bakker (gemeente Huizen), wethouder Gerard Boekhoff (gemeente Bussum) en wethouder Eric van der Want (gemeente Hilversum). De lokale Wmo beleidsplannen worden in het najaar van 2011 ter besluitvorming aan de gemeenteraden voorgelegd.

Met ‘serious gaming’ iedereen betrekken bij bedrijventerreinen

0

Het gewest Gooi- en Vechtstreek is één van de winnaars van de eerste tender van Mooi Nederland. De negen gemeenten in ons Gewest hebben samen een ‘serious game’ laten ontwikkelen, die ingezet wordt om de herstructurering van bedrijventerreinen in onze regio tastbaar te maken. Het spel laat zien welke consequenties sommige besluiten tot gevolg hebben.

In de afgelopen week kwam de Directeur Generaal van het ministerie van VROM naar onze regio, om samen met mij, als gewestgedelegeerde economie en werk, de “game” te starten. Het voelde een beetje als Monopoly spelen, maar niet voor niets staat het woord “serious” voor het woord “gaming”.

Er is namelijk een serieus probleem in onze regio als het gaat om bedrijventerreinen. We willen als gemeenten de transformatie van bedrijventerreinen naar wonen stoppen, om voldoende ruimte voor ondernemen in onze regio te behouden. Tegelijkertijd willen we de aanpak en herstructurering van oude bedrijventerreinen aanpakken”. Ruim 200 hectare bedrijventerrein is sterk verouderd, soms zelfs verpauperd. Dat vraagt om een krachtige, gezamenlijke aanpak van de herstructurering van bedrijventerreinen. En daarover hebben de negen gemeenten inmiddels bindende afspraken gemaakt, die mede vanuit de recent opgerichte stichting iLocator zullen worden uitgevoerd.

De game is een manier om alle partijen te betrekken bij dit doel. Er zijn behalve de overheid ook marktpartijen nodig die willen investeren in de herontwikkeling van bedrijventerreinen. Of, zoals wethouder Zijlstra van Weesp opmerkte: ““wij realiseren ons dat we te maken hebben met zeer complexe opgaven. Bij iedere herstructurering zijn zeer veel spelers betrokken. Daardoor is het lastig om goed overzicht te krijgen van de verschillende belangen”. De opgave van 200 hectare herstructurering van bedrijventerreinen is te groot om die 100% door de overheid te laten uitvoeren. Om die samenwerking op gang te brengen helpt een laagdrempelig middel als een game ook. Het is per slot van rekening ook gewoon leuk om aan de hand van een fictieve situatie al je creativiteit en kennis in te zetten”. Het was dan ook bijzonder inspirerend om bij de lancering van de game te ervaren hoe enthousiast met name ook de aanwezigen vanuit het bedrijfsleven op deze ontwikkeling reageren. Nu aan de slag dus. Het is hard nodig! 

Nog meer Haags bezoek

0

In februari komt Staatssecretaris Bussemaker naar Huizen. Onze gemeente is als enige Noord-Hollandse gemeente uitgekozen voor dit Haagse bezoek, omdat in Huizen een vernieuwende aanpak van de maatschappelijke ondersteuning van onze inwoners is gerealiseerd. De vernieuwing zit er vooral in, dat mensen die ondersteuning nodig hebben in Huizen zelf mogen beslissen welke hulp het beste bij hun past en ook zelf mogen beslissen bij welke instantie zij daarvoor willen aankloppen. Dat klinkt misschien heel logisch, maar in heel veel gemeenten is dat nog steeds anders geregeld en maken anderen uit wat het beste voor iemand is. Ik ben natuurlijk supertrots op dit hoge bezoek en dat geldt ook voor onze ambtenaren, die deze enorme klus in Huizen in de afgelopen drie jaar met elkaar hebben geklaard!

Maar ook voor een heel ander thema komt hoog bezoek uit den Haag. Dat gaat over de vernieuwende aanpak die we als regio Gooi en Vechtstreek hebben gevonden voor het behoud van bedrijventerreinen en de herontwikkeling van verouderde bedrijventerreinen in deze regio. We noemen dit met een duur woord “transformatiefonds”. Ik heb daar als Gewestgedelegeerde economie en werk hard aan getrokken, maar zonder de visie en de inzet van de andere wethouders die zich in de Gooi en Vechtstreek (Hilversum, Huizen, Bussum, Naarden, Laren, Blaricum, Muiden, Weesp, Wijdemeren) met regionale economische zaken bezig houden was dit natuurlijk nooit gelukt.

Nu het zover is, komt op woensdag 24 maart a.s. minister Cramer naar de regio Gooi en Vechtstreek in verband met de ’Gaming Transformatiefonds Gooi en Vechtstreek’, dat als project genomineerd was voor de Mooi Nederland prijs en in het kader van de Innovatieregeling Mooi Nederland een financiële bijdrage heeft ontvangen. Minister Cramer zal de game lanceren/onthullen. Op deze manier kunnen we dus ook in den Haag duidelijk maken dat de regio Gooi en Vechtstreek uitstekend in staat is om op cruciale thema’s, zoals regionaal economische samenwerking, de handen ineen te slaan en tot zichtbare resultaten te komen. En daar mogen we als bestuurders ook best eens trots op zijn.

 

Klaar met het Gewest?

0

In de afgelopen week stond een artikel in de Gooi en Eemlander, dat bij veel mensen uit mijn omgeving de aandacht heeft getrokken. “Hilversum is klaar met het Gewest” was de kop van het artikel. En daarop volgde: “De Hilversumse politiek is helemaal klaar met het Gewest Gooi en Vechtstreek. De gemeenten in het Gooi zijn volgens Hilversum prima in staat zelf gemeenschappelijke activiteiten aan te sturen. Zeker nu er na fusie van Bussum, Naarden, Weesp en Muiden maar vijf gemeenten overblijven. ,,Het gewest is niet van deze tijd.”

Nu ben ik toevallig zelf aanwezig geweest bij de discussie met de Hilversumse gemeenteraadsleden over de toekomst van het Gewest en ik kon dan ook in de afgelopen week veel ongerustheid wegnemen. De kop van het artikel suggereert namelijk iets anders dan werkelijk wordt bedoeld. De kern van het standpunt van de Hilversumse raadsleden (en dat was overigens ook de hoofdlijn van het standpunt van de raadsleden in de commissie Algemeen Bestuur en Middelen in Huizen), is dat het Gewest een uitstekende uitvoeringsorganisatie is, maar dat het ontbreekt aan betrokkenheid van de plaatselijke politici en aan voldoende democratische controle door de negen gemeenteraden.

Unaniem -en dat gold zowel voor Hilversum als voor Huizen- vinden de betreffende raadsleden dat het Gewest haar taken goed uitvoert. Genoemd zijn o.a. de GGD (Gewestelijke gezondheidsdienst), de GAD (Gewestelijke afvalstoffendienst) en de regionale bereikbaarheid en de regionaal economische samenwerking. Ook het feit dat het Gewest een platform biedt, waar bestuurders van de negen gemeenten elkaar ontmoeten en belangrijke zaken die de regio betreffen met elkaar afstemmen, ziet men als een nuttige functie van het Gewest.

“Klaar met het Gewest” betekent dus echt iets anders dan “Weg met het Gewest”. In beide bijeenkomsten waar ik aanwezig ben geweest als lid van het Dagelijks Bestuur van het Gewest, (dus in Hilversum en in Huizen) is opgemerkt dat het eigenlijk niet meer van deze tijd is, dat het Gewest nog steeds een Dagelijks Bestuur heeft, dat verantwoording moet afleggen aan een Algemeen Bestuur. Dat Algemeen bestuur is niet democratisch gekozen en het is eigenlijk nog een ouderwets, monistisch systeem. De betrokken raadsleden van Huizen en Hilversum vinden dat het Gewest gewoon een goed functionerende uitvoeringsorganisatie moet zijn en dat de bestuurders die daarin een rol hebben hierover direct verantwoording moeten afleggen aan de eigen gemeenteraden. 

Ik ben als Dagelijks Bestuurslid eigenlijk heel blij met deze heldere standpunten en ik deel die persoonlijk ook. Want laten we eerlijk zijn: we hebben elkaar in onze kleine regio heel hard nodig. Taken als GAD, GGD, regionale bereikbaarheid, regionale economische ontwikkeling en diverse milieutaken zijn gemeentegrens overstijgend. Ook als we straks een G4 zouden hebben, blijft het Gewest als uitvoeringsorganisatie voor de gezamenlijke gemeenten keihard nodig. Maar het Gewest hoeft wat mij betreft zeker geen extra “bestuurslaag” te zijn.  Laat de bestuurders vooral in hun eigen raden verantwoording afleggen over de uitvoeringstaken van  het Gewest. Dat scheelt veel onnodige vergaderingen. Als straks ook gemeenteraadsleden van de overige gewestgemeenten hierbij aansluiten (want we gaanals Dagelijks Bestuur bij iedere gemeente in het Gewest langs!), is dit een mooie aftrap voor een zinvolle gezamenlijke bijeenkomst die in februari gepland staat, over de taken en de structuur van het Gewest.    

Naar boven