Wat veilig is moet veilig blijven

Huizen is volgens de cijfers een betrekkelijk veilig dorp en in die zin natuurlijk niet te vergelijken met de grote steden om ons heen. Toch vindt CDA Tweede Kamerlid Coskun Cörüz dat het aantal politieagenten in plaatsen als Huizen niet omlaag moet ten gunste van de grote steden. “Wat veilig is, moet ook veilig blijven”, betoogde Cörüz gisteren tijdens de CDA ledenvergadering in ’t Visnet in Huizen.

Cörüz is een groot voorvechter voor nationale politie, waarbij de beheersmatige activiteiten landelijk worden geregeld, maar de ‘locale driehoek’ wordt versterkt. Dit is volgens hem absoluut niet schadelijk voor de locale zeggenschap over wat de politie doet. Integendeel. In de toekomst krijgt de burgemeester, maar ook de Raad, zelfs veel meer zeggenschap dan in de huidige situatie en wordt dat ook formeel geregeld. De nationale politieorganisatie met 10 (i.p.v. 26!) regionale korpsen moet ook de enorme bureaucratie bij de politie gaan terugdringen. De leden van de Huizer CDA fractie, die in de afgelopen weken in het weekend met de politie op pad zijn geweest, kunnen dat beamen. Bert Rebel heeft nog meer respect gekregen voor de agenten en de manier waarop zij optreden. Maar hij noemt het ook echt te zot voor woorden wat de politie allemaal moet opschrijven, handmatig en soms zelfs drie keer hetzelfde. Daardoor komt de politie veel minder toe aan de taken waar ze eigenlijk voor staan. Hij vraagt of er niet eens geïnvesteerd kan worden in fatsoenlijke automatisering. Cörüz antwoordt dat hier momenteel volop aan wordt gewerkt. De CDA fractie in de Tweede Kamer is hier voortrekker in. Op korte termijn zullen door de CDA fractie ook een aantal concrete ‘ontbureaucratiseringsvoorstellen’ worden gedaan, die meteen kunnen worden ingevoerd.

Veiligheid raakt volgens Cörüz alle haarvaten van de samenleving. Als je je niet veilig voelt, ga je ’s avonds niet meer alleen naar je sportclub of vrijwilligerswerk doen. Veiligheid heeft dus een enorme impact op het dagelijks functioneren. Cörüz benadrukte dat veiligheid thuis begint. De ouders zijn primair verantwoordelijk voor de opvoeding van hun kinderen. Zij moeten kinderen normen en waarden bijbrengen en grenzen stellen. Volgens Cörüz verdienen we elke euro die we investeren in de ondersteuning bij de opvoeding aan jonge kinderen later 7x terug.

Veiligheid in de buurt volgt daarna. Als er meer sociale cohesie in een buurt of wijk is en mensen bereid zijn om een oogje in het zeil te houden, dan gaat ook daar een normerende werking van uit. Jongeren, maar ook volwassenen, worden dan weer openlijk aangesproken op hun gedrag. Dat alleen al levert een enorme impuls op voor de veiligheid.

Preventie is dan ook volgens Cörüz veel effectiever dan bestrijden van crimineel gedrag.  Maar als er eenmaal sprake is van crimineel gedrag, dan moeten we ook weer niet blijven ‘polderen’, maar duidelijk grenzen stellen.  

Cörüz is momenteel bezig met een initiatiefwetvoorstel, waarbij ouders kunnen worden aangesproken voor de schade die moedwillig door hun minderjarige kinderen wordt aangericht in de openbare ruimte. Op dit moment is dat niet goed geregeld en draait de samenleving als geheel voor die schade op. Jongeren die bijvoorbeeld na een avondje uit een hele rij auto’s vernielen door de buitenspiegels er af te schoppen realiseren zich niet dat dit gemiddeld meer dan 500 euro per spiegel kost. Een een kapot bushokje is al snel 1500 tot 2000 euro schade. De slachtoffers (particulieren, bedrijven of overheid) kunnen die schade momenteel nergens verhalen. Soms dekt een verzekering dit, maar dan gaat het ook om gemeenschapsgeld. Cörüz vindt dat verantwoordelijkheid van ouders twee kanten heeft. Het kan niet zo zijn dat ouders alleen maar geld krijgen voor de opvoeding van hun kinderen (zoals bijv. kinderbijslag en toeslagen), maar dat zij niets zouden moeten betalen als kinderen zich moedwillig misdragen.

In het algemeen ziet Cörüz een tendens om slachtoffers van criminaliteit en geweld beter te beschermen. Hij vindt dit een goede ontwikkeling. Ook het uiteindelijk isoleren van veelplegers (o.a. in de campementen waar jongeren én hun ouders heropgevoed worden) is soms nodig. Maar uiteindelijk is een normerende ouder toch altijd nog vele malen beter dan een normerende overheid. En dat is waar het CDA vooral op wil inzetten.

Voorzitter Wim Zwanenburg bedankt Coskun Cörüz voor de inspirerende avond. En dat was het zeker!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *