Overig gemeentelijk beleid

Terugblik op de Dag van de Wethouder 2011

0
Afgelopen woensdag 23 november vond de vijfde editie plaats van de Dag van de Wethouder. In Deventer werd de dag hartelijk geopend met een gloedvol betoog, doorspekt met de nodige humor, door voormalig Minister-president Jan Peter Balkenende. Daarna volgde een speech van de voorzitter van de wethoudersvereniging, Saskia Bolten.   

Bij opening wethouderscongres met J.P. Balkenende en voorzitter Saskia Bolten

De vereniging kijkt terug op een succesvolle groei waarbij het ledenaantal na de verkiezingen in 2010 van 230 leden tot op heden weer is gestegen tot ruim 600 leden. Ook de ondersteuning van het bureau van de vereniging is vanaf september 2011 gegroeid. Ton Roerig is als directeur in september aangesteld en samen met Iris Kester zullen zij vanaf heden samen de vereniging ondersteunen. In het jaarplan 2012 wordt beschreven dat de vereniging o.a. volgend jaar coaches voor wethouders zal aanstellen, er komt een opleidingengids en er worden discussie bijeenkomsten georganiseerd over bedreigingen jegens wethouders.

In aansluiting op de ledenvergadering werden de leden door John Bijl gevraagd om actief in te gaan op stellingen geïnspireerd door het rapport ‘De vallende wethouder’. Zo was bijvoorbeeld 44% van de wethouders van mening dat het goed is dat er bij een politieke crisis een time-out (voor de wethouder) van enkele dagen wordt gesteld.

Na de pauze startten om 15.00 uur twee workshoprondes die allen ingingen op het thema van de dag ‘Wethouder zijn, wethouder blijven’. Verdeeld over de acht borden waar de wethouder dagelijks op schaakt; de fractie, de raad, het college, de media, ambtenaren, externe partners, andere overheden en de burger, werd er gewerkt aan de professionalisering van het wethoudersvak.

In het monumentale stadhuis van Deventer werd de Dag onder het genot van een hapje & een drankje afgesloten met de resultaten van de stemming op de stellingen eerder die middag. In 2012 vindt de Dag van de Wethouder plaats op 21 november.

College van Huizen 2 dagen naar VNG congres

0

Dinsdag en woensdag was het weer zover: het jaarlijkse VNG congres. Dit keer werd het congres gehouden in de Achterhoek. Belangrijk onderwerp tijdens dit congres was het bestuursakkoord met het rijk. Na veel wikken en wegen is ingestemd met het bestuursakkoord, behalve met de paragraaf die gaat over de sociale werkvoorziening. Die paragraaf is voor gemeenten niet uitvoerbaar en dan is het mijns inziens ook terecht dat we daar geen handtekening onder zetten. Met het akkoord voor de rest van het bestuursakkoord ben ik wel gelukkig. We hebben daarmee o.a. duidelijkheid over de (maximale) financiële risico’s die we als gemeenten lopen met de overheveling van alle taken van rijk naar gemeenten (nl. 15 euro per inwoner, dus max. € 600.000) en we krijgen als gemeenten ook maximale vrijheid bij de uitvoering van de WMO. Dat is (nu al!) heel hard nodig.

Maar of we nu wel of geen akkoord hebben is onduidelijk. Volgens Annemarie Jorritsma wel. Volgens Piet Hein Donner niet. En een akkoord vraagt toch om overeenstemming tussen 2 partijen!

Piet Hein Donner liet met de voor hem gebruikelijke beeldende uitspraken weten er wel vertrouwen in te hebben deze ‘hobbel’ met gemeenten te zullen overwinnen. “Je struikelt nooit over een berg, wel over een molshoop” aldus Donner. Mijn interpretatie van de situatie is dan ook, dat we een akkoord hebben, maar dat er op het gebied van de sociale werkvoorziening nog een nadere uitwerking moet komen. Daarover zullen partijen met elkaar weer in gesprek gaan, waarbij de VNG het voortouw zal moeten nemen en met concrete voorstellen zal moeten komen.

College van B&W stemt in met voorstel VNG mbt bestuursakkoord

Natuurlijk is zo’n congres niet alleen maar vergaderen. Er is ook tijd voor gezelligheid en voor gesprekken met collega’s uit het hele land. En er zijn ook boeiende excursies te maken in het gebied. Ik heb mij bijvoorbeeld verdiept in het thema ‘Domotica in de zorg’ en bezocht een op dit terrein innovatieve zorginstelling in Montferland.
Onderweg maakten we een prachtige wandeling door de natuur van Montferland, in een gebied dat ‘t Paaske heet. Een boswachter van natuurmonumenten gaf uitleg over het natuurlijke meertje (‘t Paaske) en over de bomen en de dieren die in het bos leven.
Ook de wethoudersvereniging deed goede zaken tijdens het congres. Met 25 nieuwe leden erbij is de vereniging nu groter dan ooit. Belangenbehartiging voor- en deskundigheidsbevordering van wethouders blijven belangrijke thema’s.
Kortom, een geslaagd congres!
Volgend jaar bestaat de VNG 100 jaar. Dan wordt het congres in den Haag georganiseerd. Maar nu eerst maar weer eens aan het werk in Huizen!

Wat veilig is moet veilig blijven

0

Huizen is volgens de cijfers een betrekkelijk veilig dorp en in die zin natuurlijk niet te vergelijken met de grote steden om ons heen. Toch vindt CDA Tweede Kamerlid Coskun Cörüz dat het aantal politieagenten in plaatsen als Huizen niet omlaag moet ten gunste van de grote steden. “Wat veilig is, moet ook veilig blijven”, betoogde Cörüz gisteren tijdens de CDA ledenvergadering in ‘t Visnet in Huizen.

Cörüz is een groot voorvechter voor nationale politie, waarbij de beheersmatige activiteiten landelijk worden geregeld, maar de ‘locale driehoek’ wordt versterkt. Dit is volgens hem absoluut niet schadelijk voor de locale zeggenschap over wat de politie doet. Integendeel. In de toekomst krijgt de burgemeester, maar ook de Raad, zelfs veel meer zeggenschap dan in de huidige situatie en wordt dat ook formeel geregeld. De nationale politieorganisatie met 10 (i.p.v. 26!) regionale korpsen moet ook de enorme bureaucratie bij de politie gaan terugdringen. De leden van de Huizer CDA fractie, die in de afgelopen weken in het weekend met de politie op pad zijn geweest, kunnen dat beamen. Bert Rebel heeft nog meer respect gekregen voor de agenten en de manier waarop zij optreden. Maar hij noemt het ook echt te zot voor woorden wat de politie allemaal moet opschrijven, handmatig en soms zelfs drie keer hetzelfde. Daardoor komt de politie veel minder toe aan de taken waar ze eigenlijk voor staan. Hij vraagt of er niet eens geïnvesteerd kan worden in fatsoenlijke automatisering. Cörüz antwoordt dat hier momenteel volop aan wordt gewerkt. De CDA fractie in de Tweede Kamer is hier voortrekker in. Op korte termijn zullen door de CDA fractie ook een aantal concrete ‘ontbureaucratiseringsvoorstellen’ worden gedaan, die meteen kunnen worden ingevoerd.

Veiligheid raakt volgens Cörüz alle haarvaten van de samenleving. Als je je niet veilig voelt, ga je ‘s avonds niet meer alleen naar je sportclub of vrijwilligerswerk doen. Veiligheid heeft dus een enorme impact op het dagelijks functioneren. Cörüz benadrukte dat veiligheid thuis begint. De ouders zijn primair verantwoordelijk voor de opvoeding van hun kinderen. Zij moeten kinderen normen en waarden bijbrengen en grenzen stellen. Volgens Cörüz verdienen we elke euro die we investeren in de ondersteuning bij de opvoeding aan jonge kinderen later 7x terug.

Veiligheid in de buurt volgt daarna. Als er meer sociale cohesie in een buurt of wijk is en mensen bereid zijn om een oogje in het zeil te houden, dan gaat ook daar een normerende werking van uit. Jongeren, maar ook volwassenen, worden dan weer openlijk aangesproken op hun gedrag. Dat alleen al levert een enorme impuls op voor de veiligheid.

Preventie is dan ook volgens Cörüz veel effectiever dan bestrijden van crimineel gedrag.  Maar als er eenmaal sprake is van crimineel gedrag, dan moeten we ook weer niet blijven ‘polderen’, maar duidelijk grenzen stellen.  

Cörüz is momenteel bezig met een initiatiefwetvoorstel, waarbij ouders kunnen worden aangesproken voor de schade die moedwillig door hun minderjarige kinderen wordt aangericht in de openbare ruimte. Op dit moment is dat niet goed geregeld en draait de samenleving als geheel voor die schade op. Jongeren die bijvoorbeeld na een avondje uit een hele rij auto’s vernielen door de buitenspiegels er af te schoppen realiseren zich niet dat dit gemiddeld meer dan 500 euro per spiegel kost. Een een kapot bushokje is al snel 1500 tot 2000 euro schade. De slachtoffers (particulieren, bedrijven of overheid) kunnen die schade momenteel nergens verhalen. Soms dekt een verzekering dit, maar dan gaat het ook om gemeenschapsgeld. Cörüz vindt dat verantwoordelijkheid van ouders twee kanten heeft. Het kan niet zo zijn dat ouders alleen maar geld krijgen voor de opvoeding van hun kinderen (zoals bijv. kinderbijslag en toeslagen), maar dat zij niets zouden moeten betalen als kinderen zich moedwillig misdragen.

In het algemeen ziet Cörüz een tendens om slachtoffers van criminaliteit en geweld beter te beschermen. Hij vindt dit een goede ontwikkeling. Ook het uiteindelijk isoleren van veelplegers (o.a. in de campementen waar jongeren én hun ouders heropgevoed worden) is soms nodig. Maar uiteindelijk is een normerende ouder toch altijd nog vele malen beter dan een normerende overheid. En dat is waar het CDA vooral op wil inzetten.

Voorzitter Wim Zwanenburg bedankt Coskun Cörüz voor de inspirerende avond. En dat was het zeker!

Huizen wordt steeds mooier!

0

Afgelopen vrijdag vonden twee gebeurtenissen plaats, die voor toerisme in Huizen van belang zijn. In de eerste plaats was er de traditionele ‘botterborrel’ in de botterwerf aan de oude haven. De derde botter van de Stichting Huizer botters is daar recent verwelkomd en er liggen ook nog twee botters van particuliere eigenaren. Het vissersverleden van Huizen herleeft hier en het is merkbaar dat veel mensen er ook echt van genieten dat de sfeer van toen weer voelbaar wordt. Ik mocht bekend maken wat het winnende rijm op het deurtje van de derde botter was geworden. Hier ziet u die:

De tekst is gemaakt in het Huizer dialect. Het betekent: ‘de wind kan je niet veranderen, maar de stand van de zeilen wel’. De jury vond dit rijm het mooiste van de vijf genomineerde rijmpjes, omdat het past bij het thema ‘Huizer visserij’, maar ook omdat het een dubbele betekenis heeft. Er zijn dingen in het leven die je niet kunt veranderen, maar er zijn ook dingen die je wél kunt doen. Dat deden de Huizer vissers, maar dat doen ook al die vrijwilligers die het varend erfgoed nu in ere houden.

Het toeristisch beleid in Huizen is erop gericht om de oude haven te verbinden met het oude vissersdorp en -ook verder het dorp in- het oude Raadhuisplein. Dat plein is onder bestuurlijke verantwoordelijkeheid van mijn collega Petra van Hartskamp nu een echt gezellig plein geworden, met mooie bomen en een waterpartij die ook de jeugd uitnodigd tot actie! Wat mij betreft mag daar ook nog het beeld van het Huizer melkmeisje bij, als symbool voor het boeren verleden van Huizen. Van boeren naar vissers: een hard bestaan, maar ook een leven in grote onderlinge verbondenheid.  En dat is wat de Huizers nog steeds kenmerkt: harde werkers, maar nog steeds met oog voor elkaar.

Vrijdagavond werd het oude Raadhuisplein feestelijk heropend. Huizen wordt steeds mooier!

Opening oude Raadhuisplein

Water heeft magische aantrekkingskracht op kinderen

Petra van Hartskamp mag terecht trots zijn!

Maatschappelijk innoveren tussen wens en werkelijkheid

1

Voor wie dit nog niet wisten: ik heb in Utrecht Nederlands recht gestudeerd (daar heb ik mijn mr. titel aan te danken) en daarna heb ik ook  weer in Utrecht bestuurskunde (of precies gezegd: recht, bestuur en management) gestudeerd (en daar heb ik mijn drs. titel aan te danken). Een paar weken geleden kreeg ik als oud-student een uitnodiging voor een lustrumviering van de faculteit Rechtsgeleerdheid, Economie en Bestuur en Organisatiewetenschap in Utrecht. Ik wist niet wat ik zag. Kennelijk is dit nu al vijf jaar één faculteit. Dat was me helemaal ontgaan en dat was in ‘mijn tijd’ echt ondenkbaar. Het programma van de viering zag er interessant uit, met als thema “Maatschappelijk innoveren tussen wens en werkelijkheid”. Ik besloot daarom om op deze uitnodiging in te gaan. Zo kwam ik afgelopen zaterdag dus terecht in een bomvol academiegebouw in Utrecht.

Voor mij weer even nostalgie, want het was best weer even geleden dat ik hier mijn bul kreeg. Dit keer was ik te gast bij een bijzonder inspirerende bijeenkomst, met sprekers als Jolande Sap, Sadik Harchaoui, Herman Wijffels, Agnes Jongerius, Paul Schnabel, Wouter Koolmees, Hanke Bruins Slot en vele anderen. De middag deed me beseffen hoe belangrijk het is dat in ons land -naast de politieke waan van de dag- ook door universiteiten wordt meegedacht over hoe het met onze samenleving verder moet. Ik wil u een paar inspirerende woorden van sprekers niet onthouden.

Sadik Harchaoui bijvoorbeeld, voorzitter van de Raad van Bestuur van Forum, maakte zich zorgen over het gebrek aan lange termijnperspectieven bij het immigratievraagstuk. Door de discussie over immigratie, zoals die nu in ons land gevoerd wordt, is er bij buitenlandse ondernemingen een kentering aan het ontstaan in het beeld van een tolerant Nederland. Nederland is grimmiger geworden ten opzichte van allochtonen en minder open minded. Dat beeld naar buitenlandse investeerders is ronduit slecht voor onze economie en volgens Sadik Harchaoui in tal van opzichten schadelijk voor de toekomst van ons land. Met een rekensommetje over de bevolkingssamenstelling in de Randstad legde hij haarscherp vast, dat nu al 17,7% van de bevolking bestaat uit niet-westerse allochtonen. Kijken we naar het totaal aantal allochtonen in de Randstad, dan komen we al gauw op ruim 40%. We weten bovendien, dat we in 2040 een enorm tekort zullen hebben aan hoog opgeleiden. Ook weten we dat veel allochtone jongeren aansluiting bij de maatschappij dreigen te missen. Allochtonen met gelijke startkwalificaties als autochtonen (dus met dezelfde vooropleiding) komen toch minder gemakkelijk aan een baan.  Op dit moment is 24 tot 28 % van de allochtone jongeren werkloos. Dit is zorgelijk, want als we het economisch goed willen blijven doen, hebben we deze jongeren straks keihard nodig. Sadik Harchaoui pleitte dan ook voor het maximaal benutten van de talenten van (tweede- en derde generatie) autochtone jongeren én vrouwen. Niet afkomst moet centraal staan, maar toekomst.

Jolande Sap sprak over twee paradoxen, die ik ook in mijn dagelijkse praktijk als wethouder wel herken. Mondige burgers willen hun eigen leven bepalen, zonder bemoeizucht door de overheid. Maar diezelfde overheid moet wel ingrijpen als de buren zich misdragen. Dan moet de overheid opeens alles oplossen en de overheid reageert daarop met ‘incidentenpolitiek’. De tweede paradox is dat de overheid zegt dat er meer ruimte moet komen voor professionals. Maar diezelfde overheid gaat regelmatig op de stoel van professionals zitten en belemmert op die manier innovatie vanuit professionals. Die spiraal van enerzijds opgeklopte verwachtingen bij burgers en anderzijds toenemend wantrouwen in professionals maakt dat echte innovatie in de pulbieke sector niet van de grond komt.  Zij pleit voor een politiek die gaat over visies en idealen (en dus niet over incidenten) en voor een andere stijl van politiek bedrijven. Nu is degene die het hardste schreeuwt vaak de winnaar, niet degene met de beste ideeën. De verantwoordelijkheid voor de publieke zaak zou veel minder bij de overheid en veel meer bij de burger zelf én de professionals neergelegd moeten worden.

En dan Herman Wijffels. Ik kan het niet helpen, maar altijd als ik die man hoor spreken hoop ik dat hij de nieuwe leider van het CDA wil worden of dat we iemand zoals hij daarvoor vinden. Wat een visie! Wat een charisma! Dit keer hield hij een betoog over duurzaamheid, mede omdat hij in Utrecht ook hoogleraar duurzaamheid en maatschappelijke verandering is geworden. Hij begon met de vraag: ‘waarom maken we ons druk om duurzaamheid’. Het antwoord daarop was: ‘hetzelfde als de vraag naar leiderschap. Er is tekort aan!’ Hij ging vervolgens in op twee problemen: het ecologisch probleem (overshoot) en het sociaal-organisatorisch probleem (een mismatch tussen mensen en vraagstukken van nu en onze huidige maatschappelijke orde en instituties). Voor wat betreft die overshoot (= meer ge- en verbruiken van natuurlijke hulpbronnen dan op duurzame basis mogelijk is) legde hij haarfijn uit wat er aan de hand is. Al op dit moment, met zo’n 7 miljard wereldburgers, is het meer-gebruik meer dan 50%, waarbij het zwaartepunt bij de westerse wereld ligt. Als we dat afzetten tegen de groei van de wereldbevoling van 6 miljard in 2000 naar 9 miljard mensen in 2050, komt er als we niets doen een verdrievoudiging van het consumptieniveau, dat nu dus al veel te hoog ligt.  We leven alsof onze planeet geen limiet kent, maar dat is helaas niet zo. Onze houding zal dus fundamenteel moeten veranderen. In onze westerse wereld is bijvoorbeeld van alles wat we kopen  na drie maanden 99% afval  geworden. We zullen echt veel zorgvuldiger met grondstoffen om moeten gaan.

Het tweede deel van de probleemstelling ging over de organisaties. Door opleiding en emancipatie past de klassieke piramidale organisatievorm niet meer bij de mensen van nu. Daardoor worden competenties en creativiteit van mensen ook onderbenut en dat tast ook zingeving aan die mensen in arbeid ervaren. Vraagstukken van deze tijd vragen om een andere organisatie. Wijffels noemt m.b.t. die vraagstukken voorbeelden als:

* sociale zekerheid en sociaal beleid van organisaties * de wijze waarop onze democratie functioneert * mondiale vraagstukken t.o.v. de huidige natie-staten * mededingingsrecht en intellectuele eigendom * organisatie van bestuur en governance.

In het industriële tijdperk konden we volstaan met eendimentionaal denken. Het draaide om groei en om winst. Nu zijn meer afwegingen nodig. De cultuur is echter nog niet veranderd. Die is atomisch, egocentrisch van aard. Je gaat voor je eigen belang. Maar hier kunnen we niet mee verder, gezien de problemen waar we voor staan. In tal van opzichten is onze maatschappelijke orde niet meer aan de maat voor deze tijd.

Wijffels schetst een paar contouren, ontwikkelingsrichtinen, voor oplossingen.

In de eerste plaatst ethisch. Willen we in deze wereld,  die één samenhangend leefsysteem is, overleven, dan moet er een uitgebreide, relationele ethiek komen. Het moet weer gaan om de vraag hoe we ons tot elkaar verhouden. Elke beslissing die we nemen (dus ook bijvoorbeeld in ons aankoopgedrag) heeft een morele component. Wij moeten met elkaar (burgers, professionals en overheid) veel meer verantwoordelijkheid nemen voor gemeenschappelijke vraagstukken. En daar moeten dus ook instituties op worden aangepast.

In de tweede plaats het terugdringen van de overshoot, zowel in beleid, als in hoe we individueel acteren. En dan niet alleen terugdringen, maar ook ruimte maken voor nieuwe mensen op deze planeet. Processen uit de industriële tijd kunnen we ons niet meer permitteren. Voorraden (grondstoffen) raken op en de negatieve effecten van het verbruik zijn enorm. We zullen dus veel meer cyclisch met grondstoffen om moeten gaan, voortdurend hergebruiken, weg met de wegwerpmaatschappij. Dat vraagt onder andere om een bio-based economy, meer gebruik maken van bio-massa, óók in de chemische sector en in de life sciences.

In de derde plaats moet de wijze waarop de financiële sector zich verhoudt tot de reële economie op de schop. De reële economie wordt nu geexploiteerd door de financiële sector, in plaats van dat deze sector dienend is aan de  reële economie. Die dienende rol moet weer terug komen.

Het grote probleem in Nederland is volgens Wijffels dat we momenteel sterk in een nostalgisch politiek-maatschappelijke sfeer zitten. We willen het liefst terug naar het oude en politieke partijen die dit voorstaan krijgen veel stemmen. Maar we kunnen niet terug naar het oude. We moeten écht vernieuwen. We zullen onszelf moeten overstijgen in het eigen belang, door rekening te houden met het algemeen belang. En dat is ook wat natie-staten zullen moeten doen, op basis van het subsidiariteitsbeginsel. Dat betekent dus het intensiveren van relaties op alle niveau’s.  Maar ook afstappen van de huidige regels m.b.t. intellectueel eigendom. Kennis hoort open source te zijn, eigendom van de mensheid en niet van individuele actoren.

Wijffels pleit ervoor om op alle niveau’s een overgang te maken van het één dimensionaal denken naar het meer dimensionaal denken. Van het in de juiste orde zetten van doelen en middelen. Op dit moment is het doel en het middel vaak van plaats gewisseld. Winst is bijvoorbeeld een doel geworden, in de zin van aandeelhouderswaarde. Maar winst mag nooit een primair doel zijn, maar moet slechts een middel zijn om diensten te kunnen blijven leveren. Organisaties moeten zich zo ontwikkelen, dat mensen zich er weer in kunnen herkennen, waarin ieder naar zijn vermogen mede-verantwoordelijkheid kan nemen. Van human resource naar human development dus. Nu gaan mensen naar hun werk, terwijl ze het beste van zichzelf thuis laten. De sociale zekerheid moet van zorg-gericht naar ontwikkelingsgericht. Potenties van mensen ontwikkelen en structuren maken waarin mensen weer tot hun recht kunnen komen. De democratie moet van een partijendemocratie opschuiven naar een burgerdemocratie.

Deze omslag vraagt om leiderschap. Wijffels omschrijft leiderschap in een tegenstelling tot management, wat het runnen van de bestaande orde is. Leiderschap is mensen meenemen naar een nieuwe orde. Daar is visie én moed voor nodig. 

Ik hoop dat deze drie sprekers u net zo inspireren en aan het denken zetten als zij mij hebben gedaan. Er zijn meer vragen dan oplossingen. Maar één ding is wat mij betreft zeker: er rust een grote verantwoordelijkheid op ons aller schouders!

Over nylonkousen, sigarettenpeukjes, energydrink en een wandelstok

1

Afgelopen zaterdag was het weer de jaarlijkse opschoondag en dit keer gingen we aan de gang in het Goois Natuurreservaat. Met een goed zichtbaar hesje om, handschoenen aan (bleek later ook broodnodig, om lappen half vergaan plastic uit de grond te trekken), een knijper in de ene hand en een vuilniszak in de andere hand, gingen we met een grote groep mensen op pad, de natuur in!

Om eerlijk te zijn viel de hoeveelheid troep in de natuur me niet eens tegen. Rondom bankjes en langs paden vonden we wel grote hoeveelheden lege blikjes, met name diverse soorten energydrink. Kennelijk zijn dit dus plekken waar de jeugd recreëert. Maar ik deed ook wel bijzarre vondsten, zoals half vergane kledingstukken (…) en grote stukken piepschuim.

Langs de Crailoseweg was het echter echt hard werken, al hoorden we later dat we daar -vanwege de veiligheid- eigenlijk niet mochten komen. We konden onze plastic vuilniszakken zeker tot de helft vullen met verpakkingen van sigaratten en shag, plastic flessen, lege pakjes drinken, snoeppapiertjes en -opnieuw- veel blikjes energydrink. Dat waait vanaf de weg trouwens ook gewoon allemaal de natuur in. Zonde toch?

Wat stof tot spreken gaf was een zwarte nylonkous die ik in de knijper nam. Zomaar uit het raam van een auto gegooid? Het verhaal werd nog spannender toen ik 100 meter verderop het tweede exemplaar aantrof. Twee bankrovers? Of toch één dame? En toen vonden we ook nog een echte wandelstok, die natuurlijk de nodige ruimte in de afvalzak innam. Okay, kennelijk gooit niet alleen de jeugd  de troep op straat. We zullen ook de ouderen op moeten blijven voeden.

Van de aanwezige BOA hoorde ik dat in Huizen een boete van 100 euro staat op het weggooien van troep. Voor de jeugd (tot 15 jaar) is die boete 50 euro. Maar preventie is beter dan straffen. Los van de gezelligheid zou het volgens mij heel goed zijn voor de bewustwording als iedereen eens een paar uur meedoet aan zo’n opschoonactie. Volgens mij gooit dan echt niemand meer troep op straat. Het is toch bijzar dat we onnodig zoveel rotzooi van een ander moeten opruimen? Laten we onze omgeving vooral met elkaar schoon en mooi houden!

Voor cultuur mogen we best iets over hebben

1

Ik heb een heerlijk (cultureel) weekend achter de rug. Vrijdagavond genoot ik met mijn collega’s in theater de Boerderij van het optreden van Knijn, met de bekende en minder bekende fantastische Ierse muziek.

Gisteravond was ik samen met mijn zoon bij onze toneelvereniging ‘Ontwaakt’ te gast, in theater de Graaf Wichman. Dat was een avondje onspannen en lachen bij ’Kus van een Rus’.

Vandaag zondag, dus dag waarin de kerk centraal stond (is ook onze cultuur!), waarbij voor mijn zoon in de tienerdienst in de Goede Herderkerk zelfs een heuse band optrad (True Colors).

Gelukkig is er in Huizen nog veel te genieten op het gebied van kunst en cultuur. En dat in een weekend, waarin Nederland volop protesteert tegen door het kabinet voorgenomen bezuinigingen op kunst en cultuur.

Ik zie dat protest eigenlijk niet zo zitten. We zullen de komende jaren in Nederland nu eenmaal miljarden moeten bezuinigen als we onze welvaart ook voor toekomstige generaties overeind willen houden. Dat betekent ook keuzes maken. Ik zie dan liever dat er minder bezuinigd wordt op zorg voor onze ouderen en gehandicapten en dat Nederland een veilig land blijft om in te wonen. Dat betekent dat we dus privé wat meer moeten gaan betalen voor kunst en cultuur. Veel liefhebbers van kunst en cultuur kunnen best wat meer betalen voor een kaartje. Voor een keer uit eten gaan is 100 euro voor 2 personen tegenwoordig niets meer. En voor een commercieel concert betalen mensen (ook jongeren!) ook al snel meer dan 100 euro voor een kaartje. Kwaliteit verdient zichzelf echt wel terug.

Ikzelf zou (met mijn inkomen) bijvoorbeeld best meer dan de huidige €12,50 over hebben voor een fantastische avond uit bij onze toneelvereniging Ontwaakt. Zelfs het dubbele van dit bedrag is nog niet eens veel te noemen als ik zie wat daarvoor geboden wordt. Het is te gek voor woorden dat voor mensen zoals ik, die best iets meer kunnen betalen, het meest gebruik maken van de gesubsidieerde tarieven.

Ik geloof dus ook niet dat kunst en cultuur door een meer kostendekkende bijdrage elitair worden. Voor de minima zijn hiervoor trouwens ook regelingen getroffen en en wat mij betreft wordt beleving van kunst en cultuur op deze manier ook in de toekomst toegankelijk gehouden voor de mensen met een lager inkomen. Maar wees eerlijk, voor wie van ons Huizers met een goed inkomen is een hogere eigen bijdrage voor een avondje uit nou echt een groot probleem?

Ik ben heel benieuwd hoe alle kabinetsplannen gaan uitpakken. Maar ik heb er wel vertrouwen in dat de kunst- en cultuursector voldoende creativiteit weet te bundelen, zodat ook met minder subsidies een sprankelend cultureel aanbod in stand kan blijven.

Atelierroute

0

Gisteren en vandaag was er de atelierroute in Huizen. De opening was alleen al de moeite waard. In de bibliotheek was het echt gezellig, met koffie en thee met slagroomsoesjes en allemaal blije mensen. Na de enthousiaste inleidende woorden van organisator Esther Hofstetter en bibliotheekdirecteur Pauline Gmelig Meyling werden we bovendien nog getrakteerd op poëzie van Robert Grijsen, die er samen met een gitarist echt een hele voorstelling van maakte. De gedichten waren soms hilarisch, soms ook indringend, maar in ieder geval zo inspirerend, dat ik vol enthousiasme met een persoonlijk gesigneerde gedichtenbundel de bibliotheek verliet.

Gisteren had ik geen tijd om ateliers te bezoeken, maar vanmiddag kon ik dat alsnog doen. Omdat cultuur niet in mijn portefeuille zit, voelde ik me tot niets ‘verplicht’ en dat is een heerlijk gevoel om aan een fietstocht langs ateliers te beginnen.

Ik las zojuist op teletekst dat vandaag, vanwege het mooie weer,  in het hele land 120 km. file stond. Ik even blij dat ik in Huizen kon blijven! Hier was bijna iedereen op de fiets. Dat maakte de sfeer vooral in het oude dorp, waar veel ateliers bij elkaar liggen, heel speciaal.  Onderweg stopten we af en toe even om op de kaart te kijken. En dan was er een blik van verstandhouding of een praatje met anderen, die ook op de kaart stonden te kijken en tips gaven over ateliers die toch vooral de moeite van een bezoekje waard waren.

Ik heb me vergaapt aan de beeldhouwkunst, de schilderijen, de sierraden en alle kleine kunstwerkjes, zoals boeken, kaarten, sleutelhangers en wat al niet meer. En overal was de ontvangst even gastvrij! Natuurlijk lukt het op 1 middag niet om alle ateliers te bezoeken. Maar wat heeft Huizen toch veel te bieden!

Volgend jaar is het al weer de 15e keer dat er een atelierroute wordt georganiseerd. Ik zie er nu al naar uit!

Kunst en cultuurfestival

2

Het eerste kunst en cultuurfestival in Huizen zit er op. Waar een klein dorp groot in kan zijn! Ik heb genoten van het brugfeest, van de gezellige uitmarkt en van de activiteiten op de haven. Het pianoconcert in de oude kerk moest ik helaas aan mij voorbij laten gaan, evenals trouwens tal van andere activiteiten die deze week georganiseerd werden. Voor mij persoonlijk was de afsluiting het schitterende orgelconcert van afgelopen vrijdag in de Oude Kerk van Huizen.

Organist was dhr. Ad van Pelt. Er werd een heel bijzonder stuk gespeeld, uit medio 1800, over de slag bij Waterloo. De verteller liet weten dat wij in Nederland het feest van de slag bij Waterloo (de bevrijding van de Franse overheersing) tot aan de tweede wereldoorlog jaarlijks in juni hebben gevierd. Na de tweede wereldoorlog werd dit feest vervangen door 5 mei, als nationale bevrijdingsdag. Wist u dat?

Door zo’n orgelconcert dat een verhaal probeert uit te beelden merk je pas hoe visueel wij eigenlijk ingesteld zijn. Probeer het u maar eens met de ogen dicht voor te stellen hoe die verschrikkelijke veldslag bij Waterloo is geweest, met aan beide kanten tienduizenden doden. Het gekerm van mensen, het kanonnengebulder, het trompetgeschal… Dat lukt haast niet meer. Maar dankzij de rustige, gedragen stem van de verteller en de prachtige afwisselende orgelmuziek kwam ik er na een tijdje toch helemaal in. Aan het eind kon ik bijna de feestvreugde van het einde van deze slag meevoelen. Heel bijzonder dat we dit in de prachtige oude kerk van Huizen mochten beleven, met het majestueuze orgel en de prachtige akoestiek. Hopelijk volgend jaar weer en dan liefst met nog veel meer bezoekers!

Henk van Amstel overleden

0

Vanavond kreeg ik droevige bericht dat Henk van Amstel na een ziekbed van bijna 14 maanden vandaag – toch nog plotseling – is overleden. In de afgelopen jaren zag ik Henk vaak, in de Raad, in de commissies, in het AB van het Gewest en bij tal van gemeentelijke en gewestelijke aangelegenheden. Hij was er graag bij en genoot er ook zichtbaar van. De laatste keer dat hij met mij meereed vanaf het AB in Hilversum terug naar Huizen was nog maar enkele weken voorafgaand aan de gemeenteraadsverkiezingen. Ik vroeg hem of hij nog van plan was om door te gaan als raadslid en hij vertelde me dat hij dat eigenlijk het liefste zou doen. Hij zou het raadswerk zo missen en ook alle persoonlijke contacten die hij daardoor had. Het mocht niet meer zo zijn. De gezondheid van Henk liet hem in de steek en hij nam na de verkiezingen zichtbaar geemotioneerd afscheid van het raadswerk, dat hij zoveel jaren in Huizen heeft mogen doen. In de afgelopen week is Fons Hertog nog bij hem op bezoek geweest, om hem de legpenning van de gemeente Huizen te overhandigen. Niets wees er toen nog op dat Henk zo snel al zou overlijden. Hij was volgens Fons mentaal nog heel sterk.

Ik zal Henk missen. Ik wens zijn vrouw, kinderen en overige familie en vrienden de kracht toe uit de bron waar Henk uit putte.

 

Naar boven