Toekomst langdurige zorg

Gisteren vond in Rotterdam een ontmoeting plaats tussen de wethouders en ambtelijk vertegenwoordigers van de 11 zogenaamde ‘proeftuingemeenten’ en staatssecretaris van Rijn. Thema was: ‘de toekomst van de langdurige zorg’. Drie van de 11 gemeenten hielden een korte presentatie. Rotterdam presenteerde de eigen ervaringen met de wijkteams. Leeuwarden vertelde over de ervaringen met het wijkgericht werken vanuit een ontschot budget. En namens onze regio presenteerde Hans Uneken onze ervaringen met vraaggestuurd werken, persoonsvolgende bekostiging en het digitaal leefplein.  Daarna volgde een open gesprek over de ervaringen vanuit de 11 ‘proeftuingemeenten’, waarbij zowel de successen als de leerpunten aan de orde kwamen.

Over het algemeen viel het mij op dat door de aanwezige gemeenten op alle niveau’s met veel drive wordt gewerkt aan een situatie waarin alle inwoners de zorg of ondersteuning die zij nodig hebben ook daadwerkelijk krijgen, passend bij hun persoonlijke omstandigheden. Daarbij wordt ook samen met inwoners gezocht naar oplossingen die voorheen niet denkbaar waren. Er is veel meer individueel maatwerk mogelijk dan voorheen. We zien nu ook al een verschuiving van zorg naar welzijn. We zien veel meer burgerinitiatieven. Er wordt op wijkniveau intensiever samengewerkt tussen gemeenten, huisartsen en andere professionals in de wijk. Kortom, in veel opzichten is de verschuiving van taken vanuit het Rijk naar gemeenten mijns inziens een hele goede keuze geweest en ik vind het prijzenswaardig dat staatssecretaris van Rijn de moed, de visie en de daadkracht heeft gehad om deze enorme omwenteling tot stand te brengen. Dat mag ook wel eens gezegd worden!

We constateerden met elkaar dat de decentralisaties tot nu toe eigenlijk redelijk vloeiend door de gemeenten konden worden uitgevoerd. Natuurlijk zijn er hier en daar knelpunten die moeten worden opgelost, maar die waren er onder het oude regime ook, zo niet vele malen meer. Voor de nabije toekomst werden nog wel een aantal zaken benoemd die nog verder moeten worden doorontwikkeld. Zo werd er gesproken over lastigheden in de samenwerking met zorgverzekeraars, zeker als financieringssystemen niet op elkaar aansluiten. Ook willen gemeenten nog ervaring opdoen met sociale wijkteams (die in iedere gemeente weer een andere naam hebben overigens) en zijn er wat de wijkaanpak betreft vele wegen die naar Rome zouden kunnen leiden. Ook het dilemma tussen enerzijds wijkgericht werken enerzijds en anderzijds de vrijheid van inwoners als het gaat om de keuze van (zorg)aanbieders kwam aan de orde, evenals de vraag hoe we wegblijven van bureaucratie en administratieve rompslomp en hoe we erin slagen om onze inwoners écht regie (terug) te geven. Kortom, in korte tijd kwamen tal van thema’s op tafel, waar de ‘proeftuingemeenten’ nog willen door ontwikkelen.

De wereld is veranderd. Er is minder geld voor langdurige zorg, er wordt een groter beroep gedaan op de kracht van de samenleving en er is ook meer bewustwording, dat mensen om gelukkig oud te worden meer nodig hebben dan alleen goede zorg. Gemeenten kunnen verbindingen leggen met welzijnswerk voor het versterken van het sociale netwerk van mensen, gemeenten kunnen mensen bijstaan bij het vinden van passend werk en gemeenten kunnen financiële problematiek helpen oplossen (zie ook mijn blog over eigen bijdragen op de website van de gemeente Huizen: http://www.huizen.nl/bestuur/wethouder-bakker-vertelt_41621/item/hoe-zit-het-met-de-eigen-bijdrage_6589.html). De toekomst van de langdurige zorg is mijns inziens dan ook absoluut niet somber, integendeel, ik zie heel veel kansen, mits we ons er voortdurend van bewust blijven dat we de inwoner centraal blijven stellen en niet verzanden in structuur- of systeemdiscussies. Wat dat betreft was de bijeenkomst van gisteren vanuit bestuurlijk oogpunt bezien veelbelovend, want die mening werd zowel door de wethouders als door de staatssecretaris gedeeld.

Één reactie op “Toekomst langdurige zorg

  1. Weer een mooi verhaal en hoopvol! Maar het lijkt mij nog te vroeg om conclusies te trekken. Er zijn ook andere geluiden over onnodige burocratie, wegvallende begeleiding vanwege de kosten, wat weer leidt tot meer psychische nood en overlast in de samenleving. Voor velen gaat het te snel en sommigen krijgen niet de zorg die wel nodig is. Ook dat moet gezegd worden.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *